TheorieFocus

Verkeersborden oefenen

Wat betekent dat bord? Hieronder staan 42 verkeersborden met hun betekenis in gewone taal, op vorm bij elkaar — want zo herken je een bord ook op straat: eerst de vorm, dan de kleur, dan pas het plaatje.

Klap een bord open en je leest waar je hem tegenkomt, met welk bord hij verward wordt, en wat mensen er ten onrechte over denken.

Ronde borden

15 borden

Een rond bord. Rond hoort bij regels die je moet volgen: hier begint iets wat verplicht is. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Die rode rand betekent dat de regel hier ingaat. Een zwart getal in het midden, bijvoorbeeld 30, 50, 60, 80 of 100. Dat getal is de snelheid in kilometers per uur.

Maximumsnelheid

Vanaf dit bord mag je niet harder rijden dan het getal dat erop staat.

Meer over dit bord

Het is een bovengrens en geen opdracht: langzamer mag altijd. Bij regen, mist, drukte of een onoverzichtelijke weg moet je zelfs langzamer rijden dan het getal. De grens gaat in op de plek waar het bord staat, niet een stuk verderop. En hij blijft gelden tot je een bord ziet dat iets anders zegt: een bord met een nieuw getal, het bord dat de beperking opheft, of het bord waarmee je de bebouwde kom in of uit rijdt.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond hoort bij regels die je moet volgen: hier begint iets wat verplicht is.
De kleur
Wit van binnen, met een dikke rode rand. Die rode rand betekent dat de regel hier ingaat.
Het symbool
Een zwart getal in het midden, bijvoorbeeld 30, 50, 60, 80 of 100. Dat getal is de snelheid in kilometers per uur.

Waar je hem tegenkomt

Waar de snelheid anders wordt dan je gewend bent: bij de ingang van een straat, voor een bocht of een brug, bij wegwerkzaamheden, op een oprit van de snelweg, en op de borden boven de rijstroken van de snelweg waar het getal in een rode ring staat. Kort gezegd: overal waar de weg om een andere snelheid vraagt dan normaal.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord, net zo rond als het bord waarmee de snelheid begon. Wit, en er zit nergens rood op. Dat het rood weg is, is het belangrijkste: er begint hier niets, er stopt hier iets. Hetzelfde getal als op het bord waarmee de beperking begon, maar grijs en met schuine strepen erdoorheen. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.
    Hetzelfde getal, maar doorgestreept

    Kijk naar de rode rand. Rode rand: de snelheid gaat hier in. Geen rode rand en het getal doorgestreept: de snelheid houdt hier juist op.

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Blauw met een wit getal. Blauw zonder rode rand betekent hier: dit is een tip, geen verbod. Een wit getal in het midden, bijvoorbeeld vijftig. Er zit geen rand omheen en er loopt niets doorheen.
    Het blauwe bord met een getal erin

    Kijk naar de kleur. Wit met een rode rand is een maximum waar je je aan moet houden, blauw is alleen een advies.

  • Hetzelfde bord met het woord zone erbij

    Kijk of het woord zone erbij staat. Zonder zone geldt de snelheid op deze weg, met zone in het hele gebied erachter.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Zodra ik het bord voorbij ben, mag ik weer harder rijden.

    Het bord geldt niet alleen op die ene plek. De snelheid blijft gelden tot een bord iets anders zegt. Een zijstraat of een kruispunt maakt de beperking niet ongedaan.

  • Het getal op het bord is de snelheid die ik moet rijden.

    Het is een bovengrens. Je mag er altijd onder blijven, en soms moet dat ook. Zie je door mist maar dertig meter, dan is tachtig te hard, ook al staat het op het bord.

  • Dit bord geldt alleen voor auto’s.

    Het geldt voor iedereen die op die weg rijdt en die snelheid kan halen, dus ook voor een motor, een bestelbus of een auto met aanhanger. Voor sommige voertuigen geldt daarnaast een eigen lagere grens. De laagste van de twee telt.

Een rond bord, net zo rond als het bord waarmee de snelheid begon. Wit, en er zit nergens rood op. Dat het rood weg is, is het belangrijkste: er begint hier niets, er stopt hier iets. Hetzelfde getal als op het bord waarmee de beperking begon, maar grijs en met schuine strepen erdoorheen. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.

Einde maximumsnelheid

De snelheid die tot hier gold, houdt op.

Meer over dit bord

Dat betekent niet dat je zo hard mag als je wilt. Vanaf dit bord geldt weer de gewone snelheid die bij dat soort weg hoort: binnen de bebouwde kom 50, buiten de bebouwde kom op een gewone weg 80, op een autoweg 100. Op de autosnelweg staat de snelheid op de borden langs de weg; kijk daar dus naar. Je moet dus zelf weten op wat voor weg je rijdt. Dit bord is trouwens niet de enige manier waarop een beperking stopt: een bord met een ander getal vervangt het oude ook, en de borden voor de bebouwde kom veranderen de snelheid net zo goed.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord, net zo rond als het bord waarmee de snelheid begon.
De kleur
Wit, en er zit nergens rood op. Dat het rood weg is, is het belangrijkste: er begint hier niets, er stopt hier iets.
Het symbool
Hetzelfde getal als op het bord waarmee de beperking begon, maar grijs en met schuine strepen erdoorheen. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.

Waar je hem tegenkomt

Aan het eind van een stuk met een lagere snelheid. Bijvoorbeeld voorbij de wegwerkzaamheden, na een gevaarlijke bocht of na een smal stuk buiten de bebouwde kom. In Nederland zie je dit bord niet vaak: meestal zetten ze er gewoon een bord met een ander getal neer.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond hoort bij regels die je moet volgen: hier begint iets wat verplicht is. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Die rode rand betekent dat de regel hier ingaat. Een zwart getal in het midden, bijvoorbeeld 30, 50, 60, 80 of 100. Dat getal is de snelheid in kilometers per uur.
    Hetzelfde getal, maar met een rode rand eromheen

    Kijk naar de rode rand. Rode rand: de snelheid begint hier. Doorgestreept en zonder rood: de snelheid stopt hier.

  • Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon. Wit met een zwarte rand. Er zit nergens rood op, en dat is het teken dat er iets ophoudt. Twee grijze auto’s naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.
    Het witte ronde bord met twee auto’s die doorgestreept zijn

    Kijk wat er doorgestreept is. Een getal gaat over de snelheid, twee auto’s naast elkaar gaan over inhalen.

  • Het bord met het woord zone en een streep erdoor

    Kijk of het woord zone erbij staat. Zonder zone stopt de beperking op deze ene weg, met zone verlaat je een heel gebied.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Einde 60 betekent dat ik weer zo hard mag rijden als ik wil.

    Er geldt altijd een snelheid, ook als er geen bord staat. Zodra de beperking stopt, val je terug op de gewone snelheid voor die weg.

  • Na dit bord mag ik weer 100, want ik ben buiten de bebouwde kom.

    Buiten de bebouwde kom is 100 alleen toegestaan op een autoweg. Op een gewone weg buiten de bebouwde kom is het 80. Kijk dus eerst op wat voor weg je rijdt.

  • Ik mag al harder gaan zodra ik het bord in de verte zie staan.

    De oude snelheid geldt tot je het bord gepasseerd bent. Optrekken terwijl je er nog naartoe rijdt, is te vroeg.

Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat. Blauw, met witte pijlen. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn. Drie witte pijlen die in een kring achter elkaar aan draaien, tegen de klok in. Die kring wijst de kant op die je rond moet rijden.

Rotonde en verplichte rijrichting

Je moet de rotonde rond met het middeneiland aan je linkerhand.

Meer over dit bord

Je rijdt er dus altijd dezelfde kant op, ook als je bij de eerste afslag alweer de rotonde af gaat. Het bord zegt niets over wie er als eerste mag; dat lees je af aan de haaientanden op het wegdek en aan de borden bij de rotonde zelf.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat.
De kleur
Blauw, met witte pijlen. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn.
Het symbool
Drie witte pijlen die in een kring achter elkaar aan draaien, tegen de klok in. Die kring wijst de kant op die je rond moet rijden.

Waar je hem tegenkomt

Vlak voor een rotonde, en vaak nog een keer op het middeneiland recht tegenover de weg waar je vandaan komt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat. Blauw, met een witte tekening. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn. Eén witte pijl, verder niets in het bord. Die pijl wijst de kant op die je moet nemen.
    Het ronde blauwe bord met één pijl

    Tel de pijlen. Hier draaien er drie in een kring en dat is een rotonde; daar is er maar één en die wijst welke kant je op moet.

  • Een driehoek met de punt naar beneden. Hij staat als enige bord op zijn kop, dus je herkent hem al voor je iets anders ziet. Wit van binnen, met een brede rode rand. Er staat niets in. Het lege witte vlak hoort er zo bij.
    De omgekeerde driehoek bij de rotonde

    Kijk naar de vorm. Dit ronde bord gaat over de kant die je op rijdt; de driehoek op zijn kop gaat over wie je voor moet laten gaan.

  • Een rechthoekig bord, breder dan hoog. Rechte hoeken, geen rondje en geen driehoek. Helemaal blauw met een witte tekening. Er zit geen rood op. Eén witte pijl die opzij wijst, dwars op de kant waar jij vandaan komt.
    Het blauwe bord met rechte hoeken en een pijl opzij

    Kijk naar de vorm. Dat rechte bord vertelt dat een straat maar één kant op gaat; dit ronde bord hoort bij een rotonde.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Dit bord betekent dat het verkeer op de rotonde eerst mag.

    Nee. Dit bord gaat over de rotonde en over de kant die je rond moet rijden. Wie er eerst mag lees je af aan de haaientanden op het wegdek en aan de driehoek op zijn kop.

  • Op een rotonde mag ik zelf kiezen welke kant ik rond ga.

    Nee. De pijlen op het bord leggen de richting vast, en daar moet je je aan houden. Het middeneiland blijft dus altijd aan je linkerhand.

  • Blauwe borden zijn aanwijzingen, dus dit is een advies.

    Een rond blauw bord is net zo verplicht als een verbodsbord. Niet opvolgen is een overtreding.

Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat. Blauw, met een witte tekening. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn. Eén witte pijl, verder niets in het bord. Die pijl wijst de kant op die je moet nemen.

Verplichte rijrichting

Je moet de richting van de pijl volgen.

Meer over dit bord

Wijst de pijl naar rechts, dan sla je rechtsaf. Rechtdoor of de andere kant op mag niet, ook niet als dat korter is. Er bestaat ook een versie met de pijl de andere kant op; dan geldt hetzelfde, maar dan naar links.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat.
De kleur
Blauw, met een witte tekening. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn.
Het symbool
Eén witte pijl, verder niets in het bord. Die pijl wijst de kant op die je moet nemen.

Waar je hem tegenkomt

Op kruispunten waar je maar één kant op mag, bijvoorbeeld omdat de weg verderop eenrichtingsverkeer is of alleen voor bussen bedoeld. Ook veel bij winkelgebieden en bij omleidingen tijdens wegwerkzaamheden.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rechthoekig bord, breder dan hoog. Rechte hoeken, geen rondje en geen driehoek. Helemaal blauw met een witte tekening. Er zit geen rood op. Eén witte pijl die opzij wijst, dwars op de kant waar jij vandaan komt.
    Het blauwe bord met rechte hoeken en een pijl opzij

    Kijk naar de vorm. Dat rechte bord vertelt dat die straat maar één kant op gaat, dit ronde bord verplicht jou om die kant op te rijden.

  • Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat. Blauw, met witte pijlen. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn. Drie witte pijlen die in een kring achter elkaar aan draaien, tegen de klok in. Die kring wijst de kant op die je rond moet rijden.
    Het ronde blauwe bord met pijlen in een kring

    Tel de pijlen. Daar draaien er drie in een kring en dat is een rotonde, hier is er maar één.

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Geen rondje en geen driehoek. Van ver zie je al een blokvormig bord, ongeveer even hoog als breed. Blauw, zonder rode rand. Blauw is de kleur van borden die iets toestaan of aanwijzen. Er wordt jou hier niets verboden. Twee even grote pijlen naast elkaar, tegen elkaar in. De witte pijl wijst omhoog: dat is jouw richting, jij gaat voor. De rode pijl wijst omlaag: dat is de tegenligger. Rood hoort bij degene die moet wachten.
    Het blauwe bord met twee pijlen tegen elkaar in

    Kijk naar de vorm. Dat bord heeft rechte hoeken en gaat over voorrang bij een versmalling, dit ronde bord over welke kant je op rijdt.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Blauwe borden zijn aanwijzingen, dus dit is een advies.

    Een rond blauw bord is net zo verplicht als een verbodsbord. Niet opvolgen is een overtreding.

  • Als het verkeer rustig is, mag ik toch rechtdoor.

    De richting ligt vast, hoe druk het is verandert daar niets aan. Ook een lege weg rechtdoor blijft verboden.

  • Dit bord betekent dat mijn eigen straat eenrichtingsverkeer is.

    Nee, het zegt alleen welke kant jij op moet. Of een straat maar één kant op gaat, staat op een ander bord met rechte hoeken.

Een rond bord. Aan die ronde vorm zie je al van ver dat het bord je iets verbiedt of voorschrijft. Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet. Eén rode schuine streep dwars over het blauwe vlak. Eén streep, meer niet.

Parkeerverbod

Hier mag je niet parkeren.

Meer over dit bord

Even stoppen mag wel, maar alleen zolang je meteen iemand laat in- of uitstappen of spullen laadt en lost. Blijf je langer staan dan daar echt voor nodig is, dan parkeer je en ben je in overtreding. Het verbod geldt aan de kant van de weg waar het bord staat.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Aan die ronde vorm zie je al van ver dat het bord je iets verbiedt of voorschrijft.
De kleur
Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet.
Het symbool
Eén rode schuine streep dwars over het blauwe vlak. Eén streep, meer niet.

Waar je hem tegenkomt

In smalle woonstraten waar geparkeerde auto’s de doorgang dichtzetten, en langs winkelstraten waar de bus of de vrachtwagen erlangs moet.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord, precies zoals het parkeerverbod. Aan de vorm alleen zie je het verschil dus niet. Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet. Twee rode strepen die elkaar kruisen. Een rood kruis over het blauwe vlak.
    Verbod stil te staan

    Tel de rode strepen. Eén schuine streep is alleen een parkeerverbod, twee strepen die elkaar kruisen verbieden zelfs even stoppen.

  • Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord. Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe. Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.
    Parkeergelegenheid

    Kijk naar de vorm. Rond betekent dat parkeren verboden is, vierkant wijst je juist een plek aan waar parkeren mag.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Bij dit bord mag ik ook niet even stoppen.

    Stoppen mag hier wel, zolang je meteen iemand laat in- of uitstappen of spullen laadt en lost. Alleen langer blijven staan is verboden.

  • Ik blijf zelf achter het stuur zitten, dus ik parkeer niet.

    Of jij erin zit maakt niets uit, en de motor laten draaien ook niet. Sta je langer stil dan nodig is om iemand te laten in- of uitstappen of om te laden en lossen, dan parkeer je. Wachten op iemand is dus parkeren.

  • Het verbod geldt voor de hele straat, aan allebei de kanten.

    Het geldt aan de kant van de weg waar het bord staat. Aan de overkant mag je gewoon parkeren, tenzij daar ook zo’n bord staat.

Een rond bord, precies zoals het parkeerverbod. Aan de vorm alleen zie je het verschil dus niet. Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet. Twee rode strepen die elkaar kruisen. Een rood kruis over het blauwe vlak.

Verbod stil te staan

Hier mag je helemaal niet stilstaan.

Meer over dit bord

Dus ook niet heel even om iemand te laten uitstappen of om een pakketje af te geven. Parkeren mag hier dan al helemaal niet. Word je door het verkeer gedwongen te stoppen, bijvoorbeeld voor een rood licht of in een file, dan mag je wel stilstaan. Het verbod geldt aan de kant van de weg waar het bord staat.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord, precies zoals het parkeerverbod. Aan de vorm alleen zie je het verschil dus niet.
De kleur
Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet.
Het symbool
Twee rode strepen die elkaar kruisen. Een rood kruis over het blauwe vlak.

Waar je hem tegenkomt

Vlak voor een onoverzichtelijke bocht, bij een bushalte, voor de uitrit van de brandweer of op een smalle brug: plekken waar één stilstaande auto meteen alles vastzet.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Aan die ronde vorm zie je al van ver dat het bord je iets verbiedt of voorschrijft. Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet. Eén rode schuine streep dwars over het blauwe vlak. Eén streep, meer niet.
    Parkeerverbod

    Tel de rode strepen. Zie je maar één schuine streep, dan mag je nog wel even stoppen om iemand te laten uitstappen.

  • Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord. Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe. Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.
    Parkeergelegenheid

    Kijk naar de vorm. Rond betekent dat je hier zelfs niet even mag stilstaan, vierkant wijst je juist een plek aan waar je auto mag blijven staan.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Even iemand laten uitstappen of snel iets uitladen mag hier ook wel.

    Bij dit bord niet. In- en uitstappen, laden en lossen: het mag hier allemaal niet, want je auto staat er dan stil. Ook vijf seconden is te lang.

  • Met mijn alarmlichten aan mag ik hier wel even staan.

    Alarmlichten geven je geen toestemming. Ze waarschuwen andere weggebruikers, meer niet. Het verbod blijft gewoon gelden.

  • Ik mag hier niet wachten voor een rood licht of in een file.

    Dat mag gewoon. Het bord verbiedt het stilstaan dat je zelf kiest; stilstaan omdat het verkeer je daartoe dwingt hoort daar niet bij.

Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet. Twee auto’s naast elkaar. De linker is rood, de rechter zwart. De rode is de auto die aan het inhalen is.

Inhaalverbod voor motorvoertuigen

Hier mag je met je auto geen ander motorvoertuig inhalen.

Meer over dit bord

Dat geldt voor auto’s, motoren, bussen en vrachtauto’s: die mag je hier geen van alle voorbijrijden. Een fiets, een snorfiets of een brommer mag je hier wel voorbijrijden, als het veilig kan. Er hoort een bord bij dat dit verbod weer opheft.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing.
De kleur
Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet.
Het symbool
Twee auto’s naast elkaar. De linker is rood, de rechter zwart. De rode is de auto die aan het inhalen is.

Waar je hem tegenkomt

Op wegen buiten de bebouwde kom met verkeer in twee richtingen, voor een bocht of een heuveltop waar je niet ver genoeg kunt kijken, en op stukken snelweg waar aan de weg wordt gewerkt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon. Wit met een zwarte rand. Er zit nergens rood op, en dat is het teken dat er iets ophoudt. Twee grijze auto’s naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.
    Hetzelfde bord met strepen erdoorheen

    Kijk naar de rand en naar de auto’s. Rode rand met gekleurde auto’s: het verbod begint. Zwarte rand met grijze auto’s en strepen erover: het verbod houdt op.

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet. Twee voertuigen naast elkaar: links een rode vrachtauto, rechts een zwarte personenauto.
    Het ronde bord met een vrachtauto en een personenauto

    Kijk naar het linker voertuig. Twee gewone auto’s: het verbod geldt voor iedereen. Links een vrachtauto: dan geldt het alleen voor vrachtauto’s.

  • Een rond bord. Van veraf zie je een rondje. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een rode rand. Een rode rand hoort bij borden die jou iets verbieden of beperken. Jij bent dus degene die zich moet inhouden. Twee pijlen tegenover elkaar: één omhoog en één omlaag. Eén van de twee is rood. Twee pijlen tegen elkaar in betekent: hier passen jullie niet naast elkaar.
    Het ronde bord met twee pijlen tegen elkaar in

    Kijk wat er in het rondje staat. Twee auto’s náást elkaar gaan over inhalen, twee pijlen tégen elkaar in over tegenliggers bij een versmalling.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Ik mag hier helemaal niemand inhalen.

    Een fiets, een snorfiets of een brommer mag je hier wel inhalen. Het verbod gaat over motorvoertuigen.

  • Dit bord geldt alleen voor vrachtauto’s.

    Het geldt voor alle motorvoertuigen, dus ook voor een gewone personenauto.

  • De weg is leeg en ik kan ver kijken, dus inhalen mag wel.

    Het verbod geldt altijd, hoe leeg de weg ook is. Het houdt pas op bij het bord dat het opheft.

Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon. Wit met een zwarte rand. Er zit nergens rood op, en dat is het teken dat er iets ophoudt. Twee grijze auto’s naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.

Einde inhaalverbod voor motorvoertuigen

Hier mag je weer een ander motorvoertuig inhalen.

Meer over dit bord

Het verbod dat tot hier gold, is voorbij. Inhalen mag dus weer, maar alleen als het veilig en overzichtelijk kan. De gewone regels blijven gelden: je haalt links in, en vlak voor of op een oversteekplaats voor voetgangers haal je nooit in.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon.
De kleur
Wit met een zwarte rand. Er zit nergens rood op, en dat is het teken dat er iets ophoudt.
Het symbool
Twee grijze auto’s naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.

Waar je hem tegenkomt

Aan het eind van een stuk weg waar inhalen verboden was: voorbij de bocht, voorbij de heuveltop, of na het stuk waar aan de weg werd gewerkt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet. Twee auto’s naast elkaar. De linker is rood, de rechter zwart. De rode is de auto die aan het inhalen is.
    Hetzelfde bord met een rode rand

    Kijk naar de rand en naar de auto’s. Rode rand met gekleurde auto’s: het verbod begint. Zwarte rand met grijze auto’s en strepen erover: het verbod houdt op.

  • Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon. Wit met een zwarte rand. Nergens rood, en dat betekent dat er iets ophoudt. Een grijze vrachtauto en een grijze personenauto naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover.
    Het bord met een vrachtauto en strepen erover

    Kijk naar het linker voertuig. Twee gewone auto’s gaat over alle bestuurders, een vrachtauto alleen over vrachtauto’s.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Bij dit bord moet ik gaan inhalen.

    Het bord geeft je alleen weer toestemming. Of je inhaalt beslis je zelf, en alleen als het kan.

  • Dit bord haalt alle verboden weg.

    Alleen het inhaalverbod stopt hier. Een snelheidsbord of een ander verbod blijft gewoon gelden.

  • Nu mag ik overal inhalen, ook vlak voor een bocht.

    Inhalen mag alleen als je ver genoeg kunt kijken en de weg vrij is. Dat blijft jouw eigen beslissing.

Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet. Twee voertuigen naast elkaar: links een rode vrachtauto, rechts een zwarte personenauto.

Inhaalverbod voor vrachtauto’s

Hier mag je met een vrachtauto geen ander motorvoertuig inhalen.

Meer over dit bord

Rijd je in een personenauto, dan raakt dit bord jou niet: jij mag hier gewoon inhalen, ook een vrachtauto. Een vrachtauto is een vrachtwagen die meer dan 3500 kilo mag wegen. Er hoort een bord bij dat dit verbod weer opheft.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing.
De kleur
Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet.
Het symbool
Twee voertuigen naast elkaar: links een rode vrachtauto, rechts een zwarte personenauto.

Waar je hem tegenkomt

Op snelwegen en autowegen waar veel vrachtverkeer rijdt, vooral op stukken met twee rijstroken waar een inhalende vrachtauto alles ophoudt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon. Wit met een zwarte rand. Nergens rood, en dat betekent dat er iets ophoudt. Een grijze vrachtauto en een grijze personenauto naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover.
    Hetzelfde bord met strepen erdoorheen

    Kijk naar de rand. Rode rand met gekleurde voertuigen: het verbod begint. Zwarte rand met grijze voertuigen en strepen erover: het verbod houdt op.

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet. Twee auto’s naast elkaar. De linker is rood, de rechter zwart. De rode is de auto die aan het inhalen is.
    Het ronde bord met twee gewone auto’s

    Kijk naar het linker voertuig. Een vrachtauto betekent dat het verbod alleen voor vrachtauto’s geldt; twee gewone auto’s betekent dat het voor iedereen geldt.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Ik rijd in een personenauto, dus ik mag hier niet inhalen.

    Het bord geldt alleen voor vrachtauto’s. In een personenauto mag je hier gewoon inhalen.

  • Met een vrachtauto mag ik hier ook geen fiets inhalen.

    Het verbod gaat over motorvoertuigen. Een fiets, een snorfiets of een brommer mag je wel inhalen.

  • Hier mogen geen vrachtauto’s rijden.

    Ze mogen er gewoon rijden. Ze mogen alleen niet inhalen.

Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon. Wit met een zwarte rand. Nergens rood, en dat betekent dat er iets ophoudt. Een grijze vrachtauto en een grijze personenauto naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover.

Einde inhaalverbod voor vrachtauto’s

Hier mag je met een vrachtauto weer inhalen.

Meer over dit bord

Het verbod dat voor vrachtauto’s gold, is voorbij. Inhalen mag dus weer, maar alleen als het veilig kan. Voor wie in een personenauto rijdt verandert er niets: die mocht hier al inhalen.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon.
De kleur
Wit met een zwarte rand. Nergens rood, en dat betekent dat er iets ophoudt.
Het symbool
Een grijze vrachtauto en een grijze personenauto naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover.

Waar je hem tegenkomt

Aan het eind van een stuk snelweg of autoweg waar vrachtauto’s niet mochten inhalen.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet. Twee voertuigen naast elkaar: links een rode vrachtauto, rechts een zwarte personenauto.
    Hetzelfde bord met een rode rand

    Kijk naar de rand. Rode rand met gekleurde voertuigen: het verbod begint. Zwarte rand met grijze voertuigen en strepen erover: het verbod houdt op.

  • Een rond bord, precies zo rond als het bord waarmee het verbod begon. Wit met een zwarte rand. Er zit nergens rood op, en dat is het teken dat er iets ophoudt. Twee grijze auto’s naast elkaar, met schuine zwarte strepen erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.
    Het bord met twee gewone auto’s en strepen erover

    Kijk naar het linker voertuig. Een vrachtauto betekent dat er alleen voor vrachtauto’s iets verandert; twee gewone auto’s betekent dat het voor iedereen weer mag.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Vanaf hier moeten vrachtauto’s weer inhalen.

    Het mag weer, meer niet. Of het verstandig is beslist de bestuurder zelf.

  • Dit bord verandert ook iets voor personenauto’s.

    Voor een personenauto verandert er niets. Die mocht hier al inhalen.

Een rond bord. Van veraf zie je een rondje. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een rode rand. Een rode rand hoort bij borden die jou iets verbieden of beperken. Jij bent dus degene die zich moet inhouden. Twee pijlen tegenover elkaar: één omhoog en één omlaag. Eén van de twee is rood. Twee pijlen tegen elkaar in betekent: hier passen jullie niet naast elkaar.

Wachten voor tegenliggers bij een versmalling

Komt er iemand van de andere kant aan, dan wacht je.

Meer over dit bord

Je laat de tegenligger eerst door de smalle plek en gaat pas daarna zelf. Is de weg vrij, dan rijd je gewoon door; stoppen hoeft dan niet.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Van veraf zie je een rondje. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing.
De kleur
Wit van binnen, met een rode rand. Een rode rand hoort bij borden die jou iets verbieden of beperken. Jij bent dus degene die zich moet inhouden.
Het symbool
Twee pijlen tegenover elkaar: één omhoog en één omlaag. Eén van de twee is rood. Twee pijlen tegen elkaar in betekent: hier passen jullie niet naast elkaar.

Waar je hem tegenkomt

Bij een smalle brug, bij wegwerkzaamheden waar maar één auto tegelijk langs kan, en in woonstraten met een versmalling van bloembakken of paaltjes. Het bord staat aan de kant die moet wachten. Aan de overkant staat dan het blauwe bord voor de tegenligger.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Geen rondje en geen driehoek. Van ver zie je al een blokvormig bord, ongeveer even hoog als breed. Blauw, zonder rode rand. Blauw is de kleur van borden die iets toestaan of aanwijzen. Er wordt jou hier niets verboden. Twee even grote pijlen naast elkaar, tegen elkaar in. De witte pijl wijst omhoog: dat is jouw richting, jij gaat voor. De rode pijl wijst omlaag: dat is de tegenligger. Rood hoort bij degene die moet wachten.
    Het blauwe bord bij dezelfde versmalling

    Kijk naar de achtergrondkleur. Wit met een rode rand betekent dat jij wacht, blauw betekent dat jij voorgaat.

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand betekent: hier mag iets niet. Twee auto’s naast elkaar. De linker is rood, de rechter zwart. De rode is de auto die aan het inhalen is.
    Het ronde bord met twee auto’s naast elkaar

    Kijk wat er in het rondje staat. Twee auto’s náást elkaar gaan over inhalen, twee pijlen tégen elkaar in over tegenliggers.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Bij dit bord moet ik altijd even stoppen.

    Je wacht alleen als er echt iemand van de andere kant komt. Is het leeg, dan rijd je door zonder te stoppen.

  • De doorgang is hier afgesloten.

    Nee, je mag er gewoon in. Het bord regelt alleen wie als eerste door de smalle plek gaat.

  • Ik was er eerder, dus de ander moet mij laten gaan.

    Wie er het eerst was maakt bij dit bord niets uit. Sta je nog vóór de versmalling, dan wacht je. Alleen als je er al middenin zit, rijd je hem gewoon uit.

  • Het gaat alleen om auto’s die mij tegemoetkomen.

    Ook een fietser, een brommer of een tractor die je tegemoetkomt is verkeer waarvoor je wacht.

Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel, geen vrijblijvende informatie. Blauw, met een wit figuurtje. Rond en blauw betekent: hier is dit pad voor bedoeld. Een wit figuurtje dat loopt. Geen fiets, geen auto: alleen benen.

Voetpad

Dit pad is voor voetgangers.

Meer over dit bord

Met je auto blijf je eraf: niet oprijden, niet keren, niet parkeren, ook niet even. Fietsers en brommers mogen er ook niet rijden.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel, geen vrijblijvende informatie.
De kleur
Blauw, met een wit figuurtje. Rond en blauw betekent: hier is dit pad voor bedoeld.
Het symbool
Een wit figuurtje dat loopt. Geen fiets, geen auto: alleen benen.

Waar je hem tegenkomt

Bij een pad door een park, langs een plein of een winkelstraat, of waar een wandelroute los van de weg loopt. Een gewone stoep langs de straat heeft dit bord niet nodig; dit bord staat juist bij een pad dat op zichzelf ligt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord, geen driehoek. Vierkant betekent: dit vertelt je wat hier ligt. Blauw. Blauw waarschuwt nooit; blauw vertelt je iets of geeft je een opdracht. In een witte driehoek loopt een zwarte voetganger over strepen: het zebrapad zelf.
    Voetgangersoversteekplaats

    Kijk naar de vorm. Rond betekent dat het pad vóór voetgangers is, vierkant betekent dat voetgangers hier oversteken.

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met een wit symbool. Rond en blauw betekent hier: dit moet. Een fiets. Alleen een fiets, verder niets erbij.
    Verplicht fietspad

    Kijk naar het figuurtje: iemand die loopt, of iemand op een fiets.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Met de fiets aan de hand mag ik hier niet lopen.

    Loop je naast je fiets, dan ben je voetganger. Dat mag dus gewoon.

  • Even met twee wielen op het voetpad staan om te laden mag wel.

    Nee. Jouw auto hoort op de rijbaan. Op een voetpad rijden of stilstaan mag niet, hoe kort ook.

  • Er staat een wandelend figuurtje, dus een scootmobiel mag hier niet.

    Een gehandicaptenvoertuig mag hier wel rijden. Wel rustig en zonder de voetgangers te hinderen.

Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met een wit symbool. Rond en blauw betekent hier: dit moet. Een fiets. Alleen een fiets, verder niets erbij.

Verplicht fietspad

Fietsers en snorfietsers moeten hier rijden; naast dit pad op de rijbaan mogen ze niet.

Meer over dit bord

Brommers horen hier niet, die rijden op de rijbaan. Voor jou in de auto: dit pad is niet van jou, ook niet om te keren of te parkeren.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen.
De kleur
Blauw, met een wit symbool. Rond en blauw betekent hier: dit moet.
Het symbool
Een fiets. Alleen een fiets, verder niets erbij.

Waar je hem tegenkomt

Langs doorgaande wegen in en buiten de stad. Meestal rood asfalt, met een strook gras of een stoeprand tussen jou en de fietsers.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met witte symbolen. Rond en blauw betekent: dit moet. Een fiets én een brommer, samen op één bord.
    Fiets- en bromfietspad

    Kijk of er ook een brommer op staat. Alleen een fiets: dan hoort de brommer op de rijbaan.

  • Een rechthoekig bord, veel breder dan hoog. Rechte hoeken, geen rondje. Blauw met witte letters. Geen tekening, maar het woord fietspad in witte letters.
    Onverplicht fietspad

    Kijk naar de vorm. Een rond bord met een fiets betekent moeten, een rechthoekig blauw bord met het woord fietspad betekent mogen.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Brommers mogen op elk fietspad.

    Op dit pad niet. Staat er alleen een fiets op het bord, dan hoort de brommer op de rijbaan.

  • Een snorfiets is een brommertje, dus die hoort op de rijbaan.

    Nee, een snorfiets hoort juist op dit pad. Je herkent hem aan het blauwe kenteken; de brommer heeft een geel kenteken.

  • Als het fietspad druk is, mag een fietser uitwijken naar de rijbaan.

    Bij dit ronde bord niet. Het pad is verplicht, dus fietsers blijven erop.

Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met witte symbolen. Rond en blauw betekent: dit moet. Een fiets én een brommer, samen op één bord.

Fiets- en bromfietspad

Fietsers, snorfietsers én brommers moeten hier rijden.

Meer over dit bord

Een brommer mag op zo’n pad binnen de bebouwde kom niet harder dan dertig, en buiten de bebouwde kom niet harder dan veertig. Met de auto kom je er niet op.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen.
De kleur
Blauw, met witte symbolen. Rond en blauw betekent: dit moet.
Het symbool
Een fiets én een brommer, samen op één bord.

Waar je hem tegenkomt

Vaak buiten de bebouwde kom langs provinciale wegen, en soms binnen de kom langs een drukke doorgaande weg: een breed pad naast de rijbaan waar ook brommers rijden.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met een wit symbool. Rond en blauw betekent hier: dit moet. Een fiets. Alleen een fiets, verder niets erbij.
    Verplicht fietspad

    Kijk of de brommer op het bord staat. Daar staat alleen een fiets.

  • Een rond bord, even groot als het bord waarmee het pad begon. Blauw met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op. Dezelfde tekening als bij het begin: een fiets en een brommer, nu met een rode streep erdoor.
    Einde fiets- en bromfietspad

    Kijk of er een rode streep schuin over de tekening loopt. Die staat alleen op het einde-bord.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Een brommer mag hier vijfenveertig, want dat is zijn maximum.

    Niet op dit pad. Hier is het binnen de bebouwde kom dertig en buiten de bebouwde kom veertig.

  • Is het pad breed genoeg, dan mag ik er met de auto even op om iemand te laten passeren.

    Nee. Dit pad is voor fietsers en brommers; jouw auto hoort op de rijbaan.

Een rond bord, even groot als het bord waarmee het pad begon. Blauw met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op. Dezelfde tekening als bij het begin: een fiets en een brommer, nu met een rode streep erdoor.

Einde fiets- en bromfietspad

Hier houdt het fiets- en bromfietspad op.

Meer over dit bord

Ligt er verderop geen pad meer voor ze, dan gaan fietsers, snorfietsers en brommers vanaf hier verder op de rijbaan. Voor jou in de auto betekent dat: je kunt ze verderop gewoon tussen het andere verkeer tegenkomen.

Zo herken je hem

De vorm
Een rond bord, even groot als het bord waarmee het pad begon.
De kleur
Blauw met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op.
Het symbool
Dezelfde tekening als bij het begin: een fiets en een brommer, nu met een rode streep erdoor.

Waar je hem tegenkomt

Op het punt waar zo’n pad ophoudt, bijvoorbeeld waar het buiten de bebouwde kom overgaat in een gewone weg.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met witte symbolen. Rond en blauw betekent: dit moet. Een fiets én een brommer, samen op één bord.
    Fiets- en bromfietspad

    Kijk of er een rode streep schuin over de tekening loopt. Die staat alleen op het einde-bord.

  • Een vierkant bord, even groot als het bord waarmee het erf begon. Blauw, met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op. Dezelfde tekening als bij het begin: huizen, een auto, mensen en het woord erf.
    Einde erf

    Kijk wat er onder de rode streep staat: een fiets en een brommer, of huizen en een auto.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Na dit bord mag ik als brommer gewoon op het fietspad blijven.

    Nee. Het fiets- en bromfietspad houdt hier op. Is er verderop geen pad meer voor de brommer, dan hoort hij op de rijbaan.

  • De rode streep betekent dat fietsen hier verboden is.

    Nee. De streep zegt alleen dat het pad ophoudt. Fietsers rijden daarna verder, alleen niet meer op een eigen pad.


Driehoekige borden

6 borden

Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwart kruis. De balk van onder naar boven is dik: dat is jouw weg. De weg die daar dwars overheen gaat, is dun getekend.

Voorrangskruispunt

Er komt een kruispunt aan waar jij voorgaat.

Meer over dit bord

Het verkeer uit de zijwegen links en rechts moet jou voor laten gaan.

Zo herken je hem

De vorm
Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten.
De kleur
Wit van binnen, met een brede rode rand.
Het symbool
Een zwart kruis. De balk van onder naar boven is dik: dat is jouw weg. De weg die daar dwars overheen gaat, is dun getekend.

Waar je hem tegenkomt

Vooral buiten de bebouwde kom, op een weg zonder gele ruitborden. Het bord staat een stuk voor het kruispunt, zodat je het op tijd weet.

Waarmee hij verward wordt

  • Een driehoek met de punt naar beneden. Hij staat als enige bord op zijn kop, dus je herkent hem al voor je iets anders ziet. Wit van binnen, met een brede rode rand. Er staat niets in. Het lege witte vlak hoort er zo bij.
    De driehoek met de punt naar beneden

    Kijk welke kant de punt op wijst. Punt omhoog: jij gaat voor. Punt omlaag: jij wacht.

  • Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwarte T op zijn kant. De dikke balk loopt van onder naar boven: dat is jouw weg. Daaruit steekt een dun streepje naar links: de zijweg.
    Dezelfde driehoek, maar met een T erin

    Kijk naar de tekening erin. Een kruis betekent een zijweg aan allebei de kanten, een T maar aan één kant.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Een rode driehoek waarschuwt alleen voor gevaar en zegt niets over voorrang.

    Deze driehoek zegt wel degelijk wie voorgaat. Let op de dikke balk: dat is jouw weg, en dik betekent dat jij voorgaat.

  • Ik heb voorrang, dus ik hoef niet af te remmen.

    Je weet niet of de ander zijn bord gezien heeft. Kijk bij het naderen naar links en naar rechts, en houd je voet bij de rem.

Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwarte T op zijn kant. De dikke balk loopt van onder naar boven: dat is jouw weg. Daaruit steekt een dun streepje naar links: de zijweg.

Voorrangskruispunt met een zijweg links

Er komt een zijweg aan je linkerhand.

Meer over dit bord

Jij hebt voorrang, dus wie uit die zijweg komt, moet wachten tot jij voorbij bent.

Zo herken je hem

De vorm
Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten.
De kleur
Wit van binnen, met een brede rode rand.
Het symbool
Een zwarte T op zijn kant. De dikke balk loopt van onder naar boven: dat is jouw weg. Daaruit steekt een dun streepje naar links: de zijweg.

Waar je hem tegenkomt

Buiten de bebouwde kom, een stuk voor een zijweg die van links op jouw weg uitkomt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwarte T op zijn kant. De dikke balk loopt van onder naar boven: dat is jouw weg. Daaruit steekt een dun streepje naar rechts: de zijweg.
    Dezelfde driehoek, met het dunne streepje de andere kant op

    Kijk welke kant het dunne streepje op wijst. Daar zit de zijweg.

  • Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwart kruis. De balk van onder naar boven is dik: dat is jouw weg. De weg die daar dwars overheen gaat, is dun getekend.
    Dezelfde driehoek, maar met een kruis erin

    Kijk naar de tekening erin. Bij een kruis komen er zijwegen van allebei de kanten, bij een T maar van één kant.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Dit bord waarschuwt alleen dat er een zijweg is.

    Het zegt er ook bij wie voorgaat: jij. De dikke balk is jouw weg, en de dunne zijweg moet wachten.

  • Een zijweg links kan ik negeren, want van links komt toch nooit iemand voor mij.

    Ze moeten inderdaad wachten, maar ze kunnen wel de weg op draaien of jouw weg oversteken. Blijf kijken tot je er voorbij bent.

Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwarte T op zijn kant. De dikke balk loopt van onder naar boven: dat is jouw weg. Daaruit steekt een dun streepje naar rechts: de zijweg.

Voorrangskruispunt met een zijweg rechts

Er komt een zijweg aan je rechterhand.

Meer over dit bord

Jij hebt voorrang, dus wie uit die zijweg komt, moet wachten tot jij voorbij bent.

Zo herken je hem

De vorm
Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten.
De kleur
Wit van binnen, met een brede rode rand.
Het symbool
Een zwarte T op zijn kant. De dikke balk loopt van onder naar boven: dat is jouw weg. Daaruit steekt een dun streepje naar rechts: de zijweg.

Waar je hem tegenkomt

Buiten de bebouwde kom, een stuk voor een zijweg die van rechts op jouw weg uitkomt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwarte T op zijn kant. De dikke balk loopt van onder naar boven: dat is jouw weg. Daaruit steekt een dun streepje naar links: de zijweg.
    Dezelfde driehoek, met het dunne streepje de andere kant op

    Kijk welke kant het dunne streepje op wijst. Daar zit de zijweg.

  • Een driehoek met de punt naar beneden. Hij staat als enige bord op zijn kop, dus je herkent hem al voor je iets anders ziet. Wit van binnen, met een brede rode rand. Er staat niets in. Het lege witte vlak hoort er zo bij.
    De driehoek met de punt naar beneden

    Kijk welke kant de punt op wijst. Punt omhoog: jij gaat voor. Punt omlaag: jij wacht.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Er komt iets van rechts, dus die gaat voor.

    Hier niet. Het bord zegt juist dat de zijweg moet wachten. Jij rijdt op de dikke balk en gaat voor.

  • Dit bord waarschuwt alleen dat er een zijweg is.

    Het zegt er ook bij wie voorgaat: jij. Zonder dit bord zou je op zo’n kruispunt zelf verkeer van rechts voor moeten laten gaan.

Een driehoek met de punt naar beneden. Hij staat als enige bord op zijn kop, dus je herkent hem al voor je iets anders ziet. Wit van binnen, met een brede rode rand. Er staat niets in. Het lege witte vlak hoort er zo bij.

Voorrang verlenen

Je moet alle bestuurders op de kruisende weg voor laten gaan, van links én van rechts.

Meer over dit bord

Is de weg vrij, dan rijd je gewoon door; stilstaan hoeft niet.

Zo herken je hem

De vorm
Een driehoek met de punt naar beneden. Hij staat als enige bord op zijn kop, dus je herkent hem al voor je iets anders ziet.
De kleur
Wit van binnen, met een brede rode rand.
Het symbool
Er staat niets in. Het lege witte vlak hoort er zo bij.

Waar je hem tegenkomt

Op een zijweg die uitkomt op een weg waar de ander voorgaat. Meestal liggen er ook haaientanden op het wegdek: witte driehoekjes die met hun punt naar jou wijzen.

Waarmee hij verward wordt

  • Een achthoek, een bord met acht kanten. Geen enkel ander verkeersbord heeft die vorm, dus je weet het al aan de omtrek. Helemaal rood, met een witte rand. Het woord STOP in witte hoofdletters.
    Het achthoekige bord met STOP erop

    Kijk of je moet stilstaan. Bij de achthoek sta je altijd stil, ook als de weg helemaal leeg is.

  • Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwart kruis. De balk van onder naar boven is dik: dat is jouw weg. De weg die daar dwars overheen gaat, is dun getekend.
    De rode driehoek met de punt omhoog

    Kijk welke kant de punt op wijst. Punt omlaag: jij wacht. Punt omhoog: jij gaat voor.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Bij dit bord moet ik stoppen.

    Stilstaan hoeft niet. Je moet de ander alleen voor laten gaan. Komt er niemand aan, dan rijd je door.

  • Ik hoef alleen verkeer van rechts voor te laten gaan.

    Hier gaat iedereen op de kruisende weg voor, ook wie van links komt. De gewone regel van rechts geldt hier niet meer.

  • Ik hoef alleen auto’s voor te laten gaan.

    Het geldt voor alle bestuurders op de kruisende weg, dus ook voor fietsers, bromfietsers en motorrijders.

  • Zonder bord tellen die haaientanden op de weg niet.

    De haaientanden betekenen op zichzelf al dat jij de ander voor moet laten gaan. Er hoeft geen bord bij te staan.

Een driehoek met de punt naar boven. Die vorm zie je al van ver. Wit van binnen, met een rode rand. Een driehoek met de punt omhoog en een rode rand betekent altijd: waarschuwing, let op. Twee zwarte figuurtjes op de weg: een groter en een kleiner kind, in beweging.

Waarschuwing voor kinderen

Hier kun je kinderen tegenkomen.

Meer over dit bord

Dit bord vraagt iets van je manier van rijden: rustiger rijden, extra kijken en je voet klaar houden om te remmen. Kinderen kijken slecht en steken zonder waarschuwing over, dus reken erop dat er ineens iemand de weg op stapt. Het geeft je geen voorrangsregel en geen nieuwe maximumsnelheid.

Zo herken je hem

De vorm
Een driehoek met de punt naar boven. Die vorm zie je al van ver.
De kleur
Wit van binnen, met een rode rand. Een driehoek met de punt omhoog en een rode rand betekent altijd: waarschuwing, let op.
Het symbool
Twee zwarte figuurtjes op de weg: een groter en een kleiner kind, in beweging.

Waar je hem tegenkomt

Bij een school, een speeltuin, een sportveld of een kinderboerderij. Vaak in een woonwijk, en meestal precies daar waar kinderen van de stoep de weg op kunnen lopen.

Waarmee hij verward wordt

  • Een driehoek met de punt naar boven, dezelfde vorm als alle borden die je ergens voor waarschuwen. Wit van binnen, met een rode rand. Rood in zo'n driehoek betekent: opletten, hier kan iets gebeuren. Eén zwarte figuur die loopt: een volwassene die stapt. Geen strepen onder zijn voeten.
    De rode driehoek met één lopende voetganger

    Tel de figuurtjes. Hier staan er twee kleine, daar staat er één grote.

  • Een vierkant bord, geen driehoek. Vierkant betekent: dit vertelt je wat hier ligt. Blauw. Blauw waarschuwt nooit; blauw vertelt je iets of geeft je een opdracht. In een witte driehoek loopt een zwarte voetganger over strepen: het zebrapad zelf.
    Het blauwe vierkante bord met de oversteekplaats

    Kijk naar de kleur. Blauw geeft je een plicht bij de strepen, rood betekent alleen opletten.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Kinderen hebben bij dit bord voorrang.

    Een waarschuwingsbord regelt niets. Wie voor moet laten gaan, hangt af van de gewone regels op die plek. Het bord zegt alleen dat je hier kinderen kunt tegenkomen.

  • Hier mag ik automatisch dertig rijden.

    De snelheid verandert alleen als er een snelheidsbord staat. Zonder zo’n bord blijft de snelheid van die weg gelden, al is langzamer rijden hier wel verstandig.

  • Het bord telt alleen als de school uitgaat.

    Er staat geen tijd bij. Kinderen spelen ook 's avonds, in het weekend en in de vakantie. Het bord geldt de hele dag.

Een driehoek met de punt naar boven, dezelfde vorm als alle borden die je ergens voor waarschuwen. Wit van binnen, met een rode rand. Rood in zo'n driehoek betekent: opletten, hier kan iets gebeuren. Eén zwarte figuur die loopt: een volwassene die stapt. Geen strepen onder zijn voeten.

Waarschuwing voor voetgangers

Verderop lopen mensen langs of over de weg.

Meer over dit bord

Minder gas, kijk naar de kant van de weg en houd er rekening mee dat iemand zomaar de rijbaan op stapt. Dit bord verplicht je niet om te stoppen en het regelt niet wie voorgaat.

Zo herken je hem

De vorm
Een driehoek met de punt naar boven, dezelfde vorm als alle borden die je ergens voor waarschuwen.
De kleur
Wit van binnen, met een rode rand. Rood in zo’n driehoek betekent: opletten, hier kan iets gebeuren.
Het symbool
Eén zwarte figuur die loopt: een volwassene die stapt. Geen strepen onder zijn voeten.

Waar je hem tegenkomt

Waar veel mensen te voet zijn: een winkelstraat, een station, een halte, een dorpskern. Ook waar een stoep ontbreekt en mensen dus op de rijbaan lopen. Buiten de bebouwde kom staat het een eind vóór de plek zelf, zodat je op tijd kunt minderen.

Waarmee hij verward wordt

  • Een driehoek met de punt naar boven. Die vorm zie je al van ver. Wit van binnen, met een rode rand. Een driehoek met de punt omhoog en een rode rand betekent altijd: waarschuwing, let op. Twee zwarte figuurtjes op de weg: een groter en een kleiner kind, in beweging.
    De rode driehoek met twee kinderen

    Tel de figuurtjes. Hier staat er één grote, daar staan er twee kleine.

  • Een vierkant bord, geen driehoek. Vierkant betekent: dit vertelt je wat hier ligt. Blauw. Blauw waarschuwt nooit; blauw vertelt je iets of geeft je een opdracht. In een witte driehoek loopt een zwarte voetganger over strepen: het zebrapad zelf.
    Het blauwe vierkante bord met de oversteekplaats

    Kijk naar de kleur. Blauw wijst de oversteekplaats zelf aan en geeft je een plicht, rood waarschuwt alleen.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Bij dit bord moet ik voetgangers laten oversteken.

    Die plicht hoort bij de oversteekplaats zelf: de witte strepen op de weg met het blauwe vierkante bord erbij. Deze driehoek waarschuwt alleen.

  • Verderop ligt dan altijd een oversteekplaats.

    Het bord kan er ook staan omdat er domweg veel mensen langs of over de weg lopen, bijvoorbeeld waar een stoep ontbreekt.


Rechthoekige borden

10 borden

Een rechthoekig bord dat boven de rijstrook hangt, aan een portaal over de weg. Zwart, met een wit getal en een dunne witte rand eromheen. Zwart met licht hoort bij een bord dat aan en uit kan. Een getal dat uit losse witte lampjes bestaat. Het getal kan veranderen terwijl je eronder door rijdt.

Maximumsnelheid boven de rijstrook

Boven jouw rijstrook staat de snelheid die daar geldt.

Meer over dit bord

Dat getal is een maximum, net zo hard als het getal op een gewoon snelheidsbord langs de weg. Hangt er boven de rijstrook naast je een ander getal, dan geldt dat voor die strook en niet voor jou. Staan er twee snelheden tegelijk, een langs de weg en een boven de weg, dan houd je de laagste van de twee aan.

Zo herken je hem

De vorm
Een rechthoekig bord dat boven de rijstrook hangt, aan een portaal over de weg.
De kleur
Zwart, met een wit getal en een dunne witte rand eromheen. Zwart met licht hoort bij een bord dat aan en uit kan.
Het symbool
Een getal dat uit losse witte lampjes bestaat. Het getal kan veranderen terwijl je eronder door rijdt.

Waar je hem tegenkomt

Boven de rijstroken van drukke snelwegen en ringwegen, aan een portaal over de weg. Het getal gaat omlaag bij een file, bij een ongeluk of bij werk aan de weg.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond hoort bij regels die je moet volgen: hier begint iets wat verplicht is. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Die rode rand betekent dat de regel hier ingaat. Een zwart getal in het midden, bijvoorbeeld 30, 50, 60, 80 of 100. Dat getal is de snelheid in kilometers per uur.
    Het ronde witte bord met een getal en een rode rand

    Kijk waar het bord hangt en waar het getal van gemaakt is. Boven de rijstrook, zwart met lampjes: dat getal kan zo veranderen. Langs de weg, wit met een rode rand: dat getal ligt vast.

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Blauw met een wit getal. Blauw zonder rode rand betekent hier: dit is een tip, geen verbod. Een wit getal in het midden, bijvoorbeeld vijftig. Er zit geen rand omheen en er loopt niets doorheen.
    Het blauwe bord met een wit getal

    Kijk naar de kleur. Zwart met lampjes is een maximum waar je je aan moet houden, blauw is alleen een advies.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Dit is geen echt bord, dus het is een advies.

    Het geldt net zo hard als een bord langs de weg. Rijd je harder dan het getal, dan ben je in overtreding.

  • Ik kijk naar het getal boven de rijstrook naast me.

    Elk getal geldt voor de strook waar het boven hangt. Kijk dus recht boven je eigen strook.

  • Langs de weg staat een hoger getal, dus dat mag ik aanhouden.

    Staan er twee snelheden tegelijk, dan geldt de laagste. Het hoogste getal is nooit de regel.

Een rechthoekig bord, breder dan hoog. Rechte hoeken, geen rondje en geen driehoek. Helemaal blauw met een witte tekening. Er zit geen rood op. Eén witte pijl die opzij wijst, dwars op de kant waar jij vandaan komt.

Eenrichtingsweg

Je rijdt hier op een eenrichtingsweg.

Meer over dit bord

Het verkeer op deze weg gaat maar één kant op, en het bord wijst aan welke kant dat is. Van de andere kant deze weg in rijden mag niet.

Zo herken je hem

De vorm
Een rechthoekig bord, breder dan hoog. Rechte hoeken, geen rondje en geen driehoek.
De kleur
Helemaal blauw met een witte tekening. Er zit geen rood op.
Het symbool
Eén witte pijl die opzij wijst, dwars op de kant waar jij vandaan komt.

Waar je hem tegenkomt

Op de hoek van een straat waar het verkeer maar één kant op gaat. Je kijkt er van opzij tegenaan, vanaf de weg die erop uitkomt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat. Blauw, met een witte tekening. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn. Eén witte pijl, verder niets in het bord. Die pijl wijst de kant op die je moet nemen.
    Het ronde blauwe bord met één pijl

    Kijk naar de vorm. Dit rechte bord vertelt dat die straat maar één kant op gaat; dat ronde bord verplicht jou om die kant op te rijden.

  • Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat. Blauw, met witte pijlen. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn. Drie witte pijlen die in een kring achter elkaar aan draaien, tegen de klok in. Die kring wijst de kant op die je rond moet rijden.
    Het ronde blauwe bord met pijlen in een kring

    Tel de pijlen en kijk naar de vorm. Drie pijlen in een rond bord horen bij een rotonde; hier staat één pijl op een recht bord.

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Van ver zie je al: geen rondje en geen driehoek, maar een bord met een heel plaatje erop. Blauw, met een witte tekening. Blauw zonder rode rand zegt hier: zo is het in deze straat geregeld. Een tafereeltje: huizen, een auto en mensen, waaronder een spelend kind. Ook het woord erf staat op het bord.
    Het even grote blauwe bord met een tafereeltje erop

    Kijk wat er op het blauwe vlak staat. Eén witte pijl gaat over de kant waar het verkeer heen rijdt; huizen met spelende kinderen zeggen dat je een erf op rijdt.

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Geen rondje en geen driehoek. Van ver zie je al een blokvormig bord, ongeveer even hoog als breed. Blauw, zonder rode rand. Blauw is de kleur van borden die iets toestaan of aanwijzen. Er wordt jou hier niets verboden. Twee even grote pijlen naast elkaar, tegen elkaar in. De witte pijl wijst omhoog: dat is jouw richting, jij gaat voor. De rode pijl wijst omlaag: dat is de tegenligger. Rood hoort bij degene die moet wachten.
    Het blauwe bord met twee pijlen tegen elkaar in

    Tel de pijlen. Twee pijlen tegen elkaar in gaan over wie er eerst door een smalle plek mag; één pijl gaat over de kant waar het verkeer heen rijdt.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Dit bord betekent dat ik zelf die kant op moet rijden.

    Nee. Het vertelt welke kant het verkeer op die weg gaat. Dat jij een bepaalde kant op moet, staat op een rond blauw bord met een pijl.

  • Een straat is een straat, dus ik mag er van beide kanten in.

    Niet bij dit bord. Het verkeer gaat er maar één kant op, en van de andere kant mag je die straat niet in rijden.

  • Een blauw bord is alleen informatie, dus ik hoef er niets mee.

    Nee. Wat een bord voorschrijft of verbiedt moet je opvolgen. De kleur verandert daar niets aan.

Een rechthoekig bord dat rechtop staat, hoger dan breed. Rechte hoeken, geen rondje. Helemaal blauw met een witte tekening, zonder rode rand. Een witte hoofdletter P, en daaronder een figuurtje in een rolstoel.

Gehandicaptenparkeerplaats

Hier parkeren mag alleen met een gehandicaptenparkeerkaart.

Meer over dit bord

Die kaart moet duidelijk zichtbaar in de auto liggen, en je moet er de persoon mee vervoeren aan wie de kaart is gegeven. Ook een gehandicaptenvoertuig mag hier staan, zolang het om zulk vervoer gaat. Heb je die kaart niet, dan is dit geen gewone parkeerplaats: je mag er dan ook niet even staan.

Zo herken je hem

De vorm
Een rechthoekig bord dat rechtop staat, hoger dan breed. Rechte hoeken, geen rondje.
De kleur
Helemaal blauw met een witte tekening, zonder rode rand.
Het symbool
Een witte hoofdletter P, en daaronder een figuurtje in een rolstoel.

Waar je hem tegenkomt

Bij een los vak langs de weg of op een parkeerterrein, meestal met hetzelfde rolstoelteken op het wegdek geschilderd.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord. Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe. Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.
    Parkeergelegenheid

    Kijk of er een rolstoelteken onder de P staat. Staat dat er niet, dan mag iedereen er parkeren.

  • Een rond bord. Aan die ronde vorm zie je al van ver dat het bord je iets verbiedt of voorschrijft. Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet. Eén rode schuine streep dwars over het blauwe vlak. Eén streep, meer niet.
    Parkeerverbod

    Kijk naar de vorm en de kleur. Een blauw bord met rechte hoeken wijst je een plek aan; een rond bord met een rode rand verbiedt parkeren juist.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Er staat een P op, dus ik mag hier even staan als ik zo weer weg ben.

    Nee. Zonder gehandicaptenparkeerkaart mag je er helemaal niet parkeren, hoe kort ook. Hoe lang je blijft maakt niets uit.

  • Ik heb een kaart van mijn moeder in de auto liggen, dus ik mag hier staan.

    Alleen als je haar ook echt vervoert. De kaart hoort bij die persoon, niet bij de auto, en hij moet duidelijk zichtbaar liggen.

  • Op zo’n plek mag iedereen met een kaart staan.

    Meestal wel, maar niet altijd. Staat er een kenteken op het onderbord, dan is de plek voor die ene auto en mag een andere auto er niet staan.

Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is. Blauw met een witte rand en een witte tekening erop. Bovenaan een grote witte letter P. Daaronder een bestelwagen waar iemand goederen in- of uitlaadt.

Plek om te laden en te lossen

Hier mag je alleen staan om meteen te laden of te lossen.

Meer over dit bord

Ben je klaar, dan rijd je weg. Parkeren mag hier niet: je auto laten staan terwijl je niets in- of uitlaadt, is parkeren. Wachten op iemand mag hier dus niet. Even iemand laten in- of uitstappen mag wel, want dat is geen parkeren.

Zo herken je hem

De vorm
Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is.
De kleur
Blauw met een witte rand en een witte tekening erop.
Het symbool
Bovenaan een grote witte letter P. Daaronder een bestelwagen waar iemand goederen in- of uitlaadt.

Waar je hem tegenkomt

Voor winkels in een drukke winkelstraat, bij een markt en bij bedrijven waar de hele dag bestelwagens komen.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord. Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe. Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.
    Het blauwe bord met alleen een witte P

    Kijk of er onder de P nog een tekening staat. Alleen een P betekent gewoon parkeren; staat er een bestelwagen bij, dan is de plek voor goederen.

  • Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is. Blauw met een witte rand, een witte letter en witte tekst. Een grote witte letter P, met daaronder het woord vergunninghouders.
    Het blauwe bord met een P en het woord vergunninghouders

    Kijk wat er onder de P staat. Een tekening van een bestelwagen gaat over goederen, een woord gaat over een vergunning.

  • Een rond bord. Aan die ronde vorm zie je al van ver dat het bord je iets verbiedt of voorschrijft. Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet. Eén rode schuine streep dwars over het blauwe vlak. Eén streep, meer niet.
    Het ronde blauwe bord met één rode streep

    Kijk naar de vorm. Rond met een rode rand verbiedt het parkeren, rechthoekig met een P wijst je juist een plek aan.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Er staat een P op, dus ik mag hier parkeren.

    De P zegt alleen dat je hier mag staan. Waarvóór je mag staan staat eronder: om goederen in- of uit te laden. Parkeren mag niet.

  • Ik ga zo dadelijk iets uitladen, dus ik mag hier vast gaan staan.

    Het laden of lossen moet meteen gebeuren. Sta je te wachten tot je aan de beurt bent, dan parkeer je.

  • Dit bord is alleen bedoeld voor vrachtwagens.

    Het geldt voor iedereen die er goederen in- of uitlaadt, ook met een gewone personenauto.

Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is. Blauw met een witte rand, een witte letter en witte tekst. Een grote witte letter P, met daaronder het woord vergunninghouders.

Parkeerplaats voor vergunninghouders

Hier mag je alleen parkeren met een vergunning voor deze plek.

Meer over dit bord

Heb je die vergunning niet, dan laat je je auto hier niet staan, ook niet heel even. Stoppen om iemand te laten in- of uitstappen of om iets in- of uit te laden mag wel, want dat is geen parkeren. Op een onderbord kan staan om welke vergunning het gaat, of op welke dagen en uren de regel geldt.

Zo herken je hem

De vorm
Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is.
De kleur
Blauw met een witte rand, een witte letter en witte tekst.
Het symbool
Een grote witte letter P, met daaronder het woord vergunninghouders.

Waar je hem tegenkomt

In binnensteden en oude woonwijken waar bewoners een parkeervergunning hebben, en op parkeerplaatsen bij bedrijven en ziekenhuizen.

Waarmee hij verward wordt

  • Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is. Blauw met een witte rand en een witte tekening erop. Bovenaan een grote witte letter P. Daaronder een bestelwagen waar iemand goederen in- of uitlaadt.
    Het blauwe bord met een P en een bestelwagen

    Kijk wat er onder de P staat. Een tekening van een bestelwagen betekent dat de plek voor goederen is; een woord over een vergunning betekent dat je die vergunning nodig hebt.

  • Een staand rechthoekig bord met een groot wit vlak. Wit met een zwarte rand, en in het midden een blauw vlak met een witte letter. Bovenaan het woord zone. Daaronder een blauw vlak met een witte P en een parkeerschijf, en de langste tijd dat je er mag staan.
    Het bord met een P en een parkeerschijf erop

    Kijk wat er bij de P staat. Een parkeerschijf betekent dat je een schijf achter je voorruit legt; een woord over een vergunning betekent dat je die vergunning nodig hebt.

  • Een rechthoekig bord dat rechtop staat, hoger dan breed. Rechte hoeken, geen rondje. Helemaal blauw met een witte tekening, zonder rode rand. Een witte hoofdletter P, en daaronder een figuurtje in een rolstoel.
    Het blauwe bord met een P en een rolstoel

    Kijk naar het teken onder de P. Een rolstoel hoort bij een kaart voor gehandicapten, een woord over een vergunning bij een vergunning van de gemeente.

  • Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord. Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe. Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.
    Het blauwe bord met alleen een witte P

    Kijk of er onder de P nog iets staat. Alleen een P betekent dat iedereen er mag parkeren; staat er een woord bij, dan geldt de plek alleen voor die groep.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • De plek is leeg, dus ik kan er wel even neerzetten.

    Zonder vergunning mag je hier niet parkeren, ook niet als er niemand staat.

  • Mijn kaart voor gehandicapten is ook een vergunning.

    Dat is niet hetzelfde. Deze plek vraagt om een vergunning voor precies deze plek. Voor een kaart voor gehandicapten is er een eigen bord.

  • Met mijn alarmlichten aan is het geen parkeren.

    Alarmlichten veranderen er niets aan. Sta je langer stil dan nodig is om iemand te laten in- of uitstappen of om iets in- of uit te laden, dan parkeer je.

Een staand rechthoekig bord met een groot wit vlak. Wit met een zwarte rand, en in het midden een blauw vlak met een witte letter. Bovenaan het woord zone. Daaronder een blauw vlak met een witte P en een parkeerschijf, en de langste tijd dat je er mag staan.

Parkeerschijfzone

Hier mag je alleen parkeren met een parkeerschijf.

Meer over dit bord

Die legt je duidelijk zichtbaar achter je voorruit. En je zet je auto alleen neer op een plek die daarvoor is aangegeven of waar een blauwe streep langs de weg loopt. Op de schijf zet je het tijdstip waarop je bent gaan staan, op een heel of een half uur; naar boven afronden mag. Op het bord staat hoe lang je er hoogstens mag staan, en langer blijven mag niet. De regel geldt in het hele gebied achter dit bord en niet alleen op deze ene plek. Een schijf die het tijdstip vanzelf verzet, mag je niet gebruiken.

Zo herken je hem

De vorm
Een staand rechthoekig bord met een groot wit vlak.
De kleur
Wit met een zwarte rand, en in het midden een blauw vlak met een witte letter.
Het symbool
Bovenaan het woord zone. Daaronder een blauw vlak met een witte P en een parkeerschijf, en de langste tijd dat je er mag staan.

Waar je hem tegenkomt

In winkelgebieden en dorpskernen waar ze willen dat auto’s doorrijden en niet de hele dag blijven staan. Aan de rand van het gebied staat een bord dat de zone afsluit.

Waarmee hij verward wordt

  • Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is. Blauw met een witte rand, een witte letter en witte tekst. Een grote witte letter P, met daaronder het woord vergunninghouders.
    Het blauwe bord met een P en het woord vergunninghouders

    Kijk wat er bij de P staat. Een parkeerschijf betekent dat je een schijf achter je voorruit legt; een woord over een vergunning betekent dat je die vergunning nodig hebt.

  • Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord. Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe. Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.
    Het blauwe bord met alleen een witte P

    Kijk of het woord zone erop staat. Zonder zone geldt het bord op deze plek, met zone in het hele gebied erachter.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Ik zet op de schijf hoe laat ik weer wegga.

    Je zet het tijdstip waarop je bent gaan staan. Daaraan wordt geteld hoe lang je er staat.

  • De schijf hoeft alleen op de plek waar het bord staat.

    De regel geldt in het hele gebied achter het bord, tot aan het bord dat de zone afsluit.

  • Met een schijf mag ik hier zo lang staan als ik wil.

    Op het bord staat hoe lang je er hoogstens mag staan. Daarna moet je weg.

  • Een schijf die zichzelf bijstelt is handig, dus die mag.

    Zo’n schijf mag je niet gebruiken. Hij verzet het tijdstip terwijl je staat, en dan klopt de tijd niet meer.

Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is. Blauw met een witte rand en een witte tekening. Een witte tekening van een weg die zich splitst in twee rijbanen, met een viaduct eroverheen.

Autosnelweg

Je rijdt hier op een autosnelweg.

Meer over dit bord

Hier mogen alleen motorvoertuigen komen die minstens zestig kilometer per uur mogen en kunnen rijden; een fiets, een brommer en een tractor horen hier dus niet. Keren en achteruitrijden mag niet, en op de rijbaan stilstaan ook niet. De vluchtstrook en de berm zijn er alleen voor noodgevallen. Hoe hard je hier mag rijden staat op de borden langs de weg, want dit bord zegt daar niets over.

Zo herken je hem

De vorm
Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is.
De kleur
Blauw met een witte rand en een witte tekening.
Het symbool
Een witte tekening van een weg die zich splitst in twee rijbanen, met een viaduct eroverheen.

Waar je hem tegenkomt

Bij elke oprit van de snelweg, en opnieuw na een groot knooppunt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Blauw met een witte rand en een witte tekening. Een witte tekening van een auto die je van voren ziet, met de voorruit en de wielen.
    Het vierkante blauwe bord met een auto van voren

    Kijk naar de tekening. Een weg die zich splitst met een viaduct erover hoort bij de snelweg; één auto van voren hoort bij de autoweg.

  • Hetzelfde bord met een rode streep erdoor

    Kijk of er een rode streep overheen loopt. Zonder streep begint de snelweg, met streep houdt hij op.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Op de snelweg mag ik altijd honderddertig.

    Hoe hard je mag rijden staat op de borden langs de weg. Kijk daar dus naar; dit bord noemt geen getal.

  • Op de vluchtstrook mag ik even stoppen om te bellen.

    De vluchtstrook is alleen voor noodgevallen. Voor een telefoontje rijd je door naar een parkeerplaats.

  • Ik ben mijn afslag voorbij, dus ik rijd even achteruit.

    Keren en achteruitrijden mag hier niet. Je rijdt door tot de volgende afslag.

  • Met een brommer mag ik hier ook rijden.

    Hier mogen alleen motorvoertuigen komen die minstens zestig kilometer per uur mogen en kunnen rijden. Een brommer haalt dat niet.

Een rechthoekig bord, veel breder dan hoog. Rechte hoeken, geen rondje. Blauw met witte letters. Geen tekening, maar het woord fietspad in witte letters.

Onverplicht fietspad

Fietsers mogen hier rijden, maar het hoeft niet; ze mogen ook op de rijbaan blijven.

Meer over dit bord

Brommers horen hier niet, die rijden op de rijbaan. Een snorfiets met een benzinemotor mag er alleen op met de motor uit. Voor jou in de auto: dit pad is niet van jou, ook niet om te keren of te parkeren.

Zo herken je hem

De vorm
Een rechthoekig bord, veel breder dan hoog. Rechte hoeken, geen rondje.
De kleur
Blauw met witte letters.
Het symbool
Geen tekening, maar het woord fietspad in witte letters.

Waar je hem tegenkomt

Naast de rijbaan, langs een weg waar de fietser zelf mag kiezen. Je herkent het aan het woord op het bord in plaats van een tekening.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met een wit symbool. Rond en blauw betekent hier: dit moet. Een fiets. Alleen een fiets, verder niets erbij.
    Verplicht fietspad

    Kijk naar de vorm. Een rond bord met een fiets betekent moeten; dit rechte bord met het woord fietspad betekent mogen.

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel die je moet volgen. Blauw, met witte symbolen. Rond en blauw betekent: dit moet. Een fiets én een brommer, samen op één bord.
    Fiets- en bromfietspad

    Kijk of er een brommer bij staat. Op dat ronde bord staan een fiets én een brommer; hier staat alleen een woord.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Een fietspad is een fietspad, dus een brommer mag er ook rijden.

    Niet op dit pad. Het is geen fiets- en bromfietspad, dus de brommer hoort hier op de rijbaan.

  • Een snorfiets telt als fiets, dus die mag hier gewoon rijden.

    Bijna. Een snorfiets met een benzinemotor mag er alleen op met de motor uit; op een elektrische snorfiets mag je er wel rijden.

  • Er ligt een fietspad, dus de fietser moet daar rijden.

    Bij dit bord niet. De fietser mag zelf kiezen: het pad of de rijbaan. Reken er dus op dat je hem ook op de rijbaan tegenkomt.

Een liggend rechthoekig bord, veel breder dan het hoog is. Blauw met witte letters. Er staat geen tekening op, maar de naam van de plaats waar je binnenrijdt.

Bebouwde kom

Je rijdt hier de bebouwde kom in.

Meer over dit bord

Binnen de bebouwde kom mag je met een auto niet harder dan vijftig kilometer per uur. Staat er een bord met een ander getal, dan geldt dat getal. Over voorrang zegt dit bord niets; op het kruispunt erna gelden de gewone regels.

Zo herken je hem

De vorm
Een liggend rechthoekig bord, veel breder dan het hoog is.
De kleur
Blauw met witte letters.
Het symbool
Er staat geen tekening op, maar de naam van de plaats waar je binnenrijdt.

Waar je hem tegenkomt

Aan het begin van elk dorp en elke stad, langs de weg waar de bebouwing begint.

Waarmee hij verward wordt

  • Een liggend rechthoekig bord, net zo breed als het bord waarmee de bebouwde kom begon. Blauw met witte letters, en er loopt een rode streep schuin overheen. De naam van de plaats, doorgestreept met één rode streep. Doorgestreept betekent: dit is voorbij.
    Hetzelfde bord met een rode streep erdoor

    Kijk of er een rode streep schuin overheen loopt. Zonder streep rijd je de bebouwde kom in, met streep rijd je hem uit.

  • Een rond bord. Rond hoort bij regels die je moet volgen: hier begint iets wat verplicht is. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Die rode rand betekent dat de regel hier ingaat. Een zwart getal in het midden, bijvoorbeeld 30, 50, 60, 80 of 100. Dat getal is de snelheid in kilometers per uur.
    Het ronde witte bord met een getal en een rode rand

    Kijk of er een getal op staat. Een plaatsnaam op een blauw bord zegt dat je de bebouwde kom in rijdt; een getal in een rode ring geeft een snelheid.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Er staat geen getal op, dus hier geldt geen snelheidsgrens.

    Binnen de bebouwde kom is vijftig de grens, ook zonder een bord met een getal. Het bord met de plaatsnaam zegt dat al.

  • De bebouwde kom begint waar ik de eerste huizen zie.

    Het bord bepaalt waar de bebouwde kom begint, niet de huizen. Soms staan er al huizen voor het bord.

  • Dit bord geldt alleen voor auto’s.

    De bebouwde kom geldt voor iedereen op de weg. Voor een brommer en een gehandicaptenvoertuig geldt binnen de kom een eigen lagere grens.

Een liggend rechthoekig bord, net zo breed als het bord waarmee de bebouwde kom begon. Blauw met witte letters, en er loopt een rode streep schuin overheen. De naam van de plaats, doorgestreept met één rode streep. Doorgestreept betekent: dit is voorbij.

Einde bebouwde kom

Je rijdt hier de bebouwde kom uit.

Meer over dit bord

Vanaf hier gelden de snelheden van buiten de bebouwde kom; op een gewone weg is dat tachtig kilometer per uur. Staat er een bord met een ander getal, dan geldt dat getal, en dat komt hier vaak voor.

Zo herken je hem

De vorm
Een liggend rechthoekig bord, net zo breed als het bord waarmee de bebouwde kom begon.
De kleur
Blauw met witte letters, en er loopt een rode streep schuin overheen.
Het symbool
De naam van de plaats, doorgestreept met één rode streep. Doorgestreept betekent: dit is voorbij.

Waar je hem tegenkomt

Aan de rand van elk dorp en elke stad, waar de bebouwing ophoudt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een liggend rechthoekig bord, veel breder dan het hoog is. Blauw met witte letters. Er staat geen tekening op, maar de naam van de plaats waar je binnenrijdt.
    Hetzelfde bord zonder rode streep

    Kijk of er een rode streep schuin overheen loopt. Zonder streep rijd je de bebouwde kom in, met streep rijd je hem uit.

  • Een rond bord, net zo rond als het bord waarmee de snelheid begon. Wit, en er zit nergens rood op. Dat het rood weg is, is het belangrijkste: er begint hier niets, er stopt hier iets. Hetzelfde getal als op het bord waarmee de beperking begon, maar grijs en met schuine strepen erdoorheen. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.
    Het witte ronde bord met een doorgestreept getal

    Kijk wat er doorgestreept is. Een plaatsnaam op een blauw bord betekent dat je de bebouwde kom uit rijdt; een getal op een rond wit bord heft een snelheid op.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Voorbij dit bord mag ik meteen tachtig.

    Alleen als er geen bord met een ander getal staat, en alleen als de weg het toelaat. Vlak achter het bord ligt vaak nog een bocht of een kruispunt.

  • Dit bord staat er alleen als er meteen een andere plaats begint.

    Het staat overal waar de bebouwde kom ophoudt, ook als er daarna kilometers niets komt.


Vierkante borden

8 borden

Een vierkant bord met rechte hoeken. Blauw met een wit getal. Blauw zonder rode rand betekent hier: dit is een tip, geen verbod. Een wit getal in het midden, bijvoorbeeld vijftig. Er zit geen rand omheen en er loopt niets doorheen.

Adviessnelheid

Het getal op dit bord is een advies om hier niet harder te rijden.

Meer over dit bord

Het is geen maximum: wat je hoogstens mag rijden staat op de gewone snelheidsborden. Toch staat het advies er niet voor niets. Het hoort bij een bocht, een afrit of een stuk weg dat lastiger rijdt dan het eruitziet. En je moet altijd kunnen stoppen binnen het stuk weg dat je kunt overzien en dat vrij is.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord met rechte hoeken.
De kleur
Blauw met een wit getal. Blauw zonder rode rand betekent hier: dit is een tip, geen verbod.
Het symbool
Een wit getal in het midden, bijvoorbeeld vijftig. Er zit geen rand omheen en er loopt niets doorheen.

Waar je hem tegenkomt

Voor een scherpe bocht, in een afrit van de snelweg, bij een tunnel en op een weg die er sneller uitziet dan hij is.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Rond hoort bij regels die je moet volgen: hier begint iets wat verplicht is. Wit van binnen, met een dikke rode rand. Die rode rand betekent dat de regel hier ingaat. Een zwart getal in het midden, bijvoorbeeld 30, 50, 60, 80 of 100. Dat getal is de snelheid in kilometers per uur.
    Het ronde witte bord met een getal en een rode rand

    Kijk naar de vorm en de kleur. Wit en rond met een rode rand is een maximum waar je je aan moet houden, blauw en vierkant is een advies.

  • Een vierkant bord met rechte hoeken, net zo groot als het bord waarmee het advies begon. Blauw met een wit getal, en er loopt een rode streep schuin overheen. Hetzelfde witte getal als op het bord waarmee het advies begon, met één rode streep erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.
    Hetzelfde blauwe bord met een rode streep erdoor

    Kijk of er een rode streep overheen loopt. Zonder streep begint het advies, met streep houdt het op.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Dit getal is de hoogste snelheid die ik hier mag rijden.

    Het is een advies. Wat je hoogstens mag rijden lees je op de gewone snelheidsborden; dit bord zegt daar niets over.

  • Het is maar een advies, dus ik kan het naast me neerleggen.

    Het advies past bij deze weg. Rijd je in zo’n bocht veel harder, dan gaat het mis. En je moet je auto altijd tot stilstand kunnen brengen binnen het stuk weg dat je kunt overzien.

  • Bij dit bord mag ik nooit harder rijden dan het getal.

    Harder mag, zolang je onder het maximum blijft dat op de gewone borden staat. Meestal is het verstandiger om het advies te volgen.

Een vierkant bord met rechte hoeken, net zo groot als het bord waarmee het advies begon. Blauw met een wit getal, en er loopt een rode streep schuin overheen. Hetzelfde witte getal als op het bord waarmee het advies begon, met één rode streep erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.

Einde adviessnelheid

Het advies dat tot hier gold, houdt op.

Meer over dit bord

Aan wat je maximaal mag rijden verandert niets, want dat stond nooit op dat bord. Er is vanaf hier alleen geen aangeraden snelheid meer. Wil je weten hoe hard je mag, kijk dan naar de gewone snelheidsborden.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord met rechte hoeken, net zo groot als het bord waarmee het advies begon.
De kleur
Blauw met een wit getal, en er loopt een rode streep schuin overheen.
Het symbool
Hetzelfde witte getal als op het bord waarmee het advies begon, met één rode streep erover. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.

Waar je hem tegenkomt

Voorbij de bocht, de afrit of het stuk weg waarvoor het advies bedoeld was.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Blauw met een wit getal. Blauw zonder rode rand betekent hier: dit is een tip, geen verbod. Een wit getal in het midden, bijvoorbeeld vijftig. Er zit geen rand omheen en er loopt niets doorheen.
    Hetzelfde blauwe bord zonder rode streep

    Kijk of er een rode streep overheen loopt. Zonder streep begint het advies, met streep houdt het op.

  • Een rond bord, net zo rond als het bord waarmee de snelheid begon. Wit, en er zit nergens rood op. Dat het rood weg is, is het belangrijkste: er begint hier niets, er stopt hier iets. Hetzelfde getal als op het bord waarmee de beperking begon, maar grijs en met schuine strepen erdoorheen. Doorgestreept betekent: dit geldt niet meer.
    Het witte ronde bord met een doorgestreept getal

    Kijk naar de vorm en de kleur. Blauw en vierkant gaat over een advies, wit en rond over een maximum.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Vanaf hier mag ik harder rijden.

    Aan het maximum verandert niets. Alleen het advies stopt.

  • Dit bord heft een snelheidsgrens op.

    Er stond hier nooit een grens, alleen een advies. Wat je maximaal mag lees je op de gewone snelheidsborden.

Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord. Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe. Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.

Parkeergelegenheid

Hier mag je parkeren.

Meer over dit bord

Het bord verplicht je tot niets, het wijst je alleen een plek aan waar je auto mag blijven staan. Betalen of een parkeerschijf zetten kan er nog wel bij horen; dat lees je op de automaat of op het onderbord.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord. Een rechte, hoekige plaat, geen rond bord.
De kleur
Helemaal blauw, zonder rode rand. Er zit geen rood op, dus dit bord verbiedt je niets; het staat juist iets toe.
Het symbool
Een witte hoofdletter P midden op het blauwe vlak.

Waar je hem tegenkomt

Bij de ingang van een parkeerterrein, en langs de weg boven een rij parkeervakken.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rechthoekig bord dat rechtop staat, hoger dan breed. Rechte hoeken, geen rondje. Helemaal blauw met een witte tekening, zonder rode rand. Een witte hoofdletter P, en daaronder een figuurtje in een rolstoel.
    Gehandicaptenparkeerplaats

    Kijk of er een rolstoelsymbool bij de P staat. Staat dat erbij, dan mag je er alleen parkeren met een gehandicaptenparkeerkaart.

  • Een rond bord. Aan die ronde vorm zie je al van ver dat het bord je iets verbiedt of voorschrijft. Blauw van binnen, met een dikke rode rand. Rood in de rand van een rond bord betekent: hier mag iets niet. Eén rode schuine streep dwars over het blauwe vlak. Eén streep, meer niet.
    Parkeerverbod

    Kijk naar de vorm. Vierkant betekent dat parkeren hier mag, rond betekent dat het juist verboden is.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • De witte P betekent dat parkeren hier gratis is en zonder tijdslimiet.

    Het bord zegt alleen dat parkeren is toegestaan. Een parkeerautomaat, een parkeerschijf of een onderbord met voorwaarden kan er gewoon bij horen.

  • De P geldt voor de hele straat en voor alles wat eromheen staat.

    Het bord hoort bij de parkeervakken of bij het terrein waar het bij is neergezet. Sta je daarbuiten, dan gelden weer de gewone parkeerregels.

Een vierkant bord met rechte hoeken. Geen rondje en geen driehoek. Van ver zie je al een blokvormig bord, ongeveer even hoog als breed. Blauw, zonder rode rand. Blauw is de kleur van borden die iets toestaan of aanwijzen. Er wordt jou hier niets verboden. Twee even grote pijlen naast elkaar, tegen elkaar in. De witte pijl wijst omhoog: dat is jouw richting, jij gaat voor. De rode pijl wijst omlaag: dat is de tegenligger. Rood hoort bij degene die moet wachten.

Voorgaan bij een versmalling

Jij mag als eerste door de smalle plek.

Meer over dit bord

Verkeer van de andere kant moet wachten tot jij erdoor bent. Rijdt er al iemand in de versmalling, laat die dan eerst uitrijden; je mag niemand klem zetten.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord met rechte hoeken. Geen rondje en geen driehoek. Van ver zie je al een blokvormig bord, ongeveer even hoog als breed.
De kleur
Blauw, zonder rode rand. Blauw is de kleur van borden die iets toestaan of aanwijzen. Er wordt jou hier niets verboden.
Het symbool
Twee even grote pijlen naast elkaar, tegen elkaar in. De witte pijl wijst omhoog: dat is jouw richting, jij gaat voor. De rode pijl wijst omlaag: dat is de tegenligger. Rood hoort bij degene die moet wachten.

Waar je hem tegenkomt

Bij dezelfde smalle bruggen, wegwerkzaamheden en versmallingen in woonstraten, maar dan aan de kant die voorgaat. Aan de overkant staat het witte ronde bord met de rode rand.

Waarmee hij verward wordt

  • Een rond bord. Van veraf zie je een rondje. Rond betekent: hier geldt een harde regel, geen waarschuwing. Wit van binnen, met een rode rand. Een rode rand hoort bij borden die jou iets verbieden of beperken. Jij bent dus degene die zich moet inhouden. Twee pijlen tegenover elkaar: één omhoog en één omlaag. Eén van de twee is rood. Twee pijlen tegen elkaar in betekent: hier passen jullie niet naast elkaar.
    Het ronde witte bord met de rode rand bij dezelfde versmalling

    Kijk naar de achtergrondkleur. Blauw betekent dat jij voorgaat, wit met een rode rand betekent dat jij wacht.

  • Het blauwe rechte bord met één witte pijl vooruit

    Tel de pijlen. Eén pijl zegt dat de straat maar één kant op gaat, twee pijlen tegen elkaar in zeggen wie er eerst door de smalle plek mag.

  • Een rond bord. Rond betekent: dit is een opdracht, geen tip. Je moet doen wat erop staat. Blauw, met een witte tekening. Rond en blauw hoort bij geboden: iets wat je juist wél moet doen. Rond met rood zou een verbod zijn. Eén witte pijl, verder niets in het bord. Die pijl wijst de kant op die je moet nemen.
    Het ronde blauwe bord met één witte pijl

    Kijk naar de vorm. Rond zegt welke kant je op moet rijden, dit rechte bord zegt wie er eerst door de versmalling mag.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Ik heb voorrang, dus ik kan er altijd zo doorheen rijden.

    Zit er al iemand in de versmalling, dan laat je die eerst uitrijden. Voorgaan mag nooit ten koste van een aanrijding gaan.

  • Dit bord geeft mij voorrang op de hele straat.

    Het geldt alleen voor die ene smalle plek. Bij het kruispunt erna gelden gewoon weer de normale regels.

  • De tegenligger ziet mijn bord ook, dus hij weet dat hij moet wachten.

    Hij ziet zijn eigen bord, niet dat van jou. Kijk dus zelf of hij echt afremt voordat je de versmalling in rijdt.

Een vierkant bord met rechte hoeken. Blauw met een witte rand en een witte tekening. Een witte tekening van een auto die je van voren ziet, met de voorruit en de wielen.

Autoweg

Je rijdt hier op een autoweg.

Meer over dit bord

Hier mogen alleen motorvoertuigen komen die minstens vijftig kilometer per uur mogen en kunnen rijden. Keren en achteruitrijden mag niet, en op de rijbaan stilstaan ook niet. De vluchtstrook en de berm zijn er alleen voor noodgevallen. Buiten de bebouwde kom mag je hier honderd kilometer per uur, maar een bord met een lager getal gaat daar altijd voor.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord met rechte hoeken.
De kleur
Blauw met een witte rand en een witte tekening.
Het symbool
Een witte tekening van een auto die je van voren ziet, met de voorruit en de wielen.

Waar je hem tegenkomt

Buiten de bebouwde kom, op een weg die op een snelweg lijkt maar het niet is. Vaak één rijbaan per richting, en soms een kruispunt met verkeerslichten of een rotonde.

Waarmee hij verward wordt

  • Een staand rechthoekig bord, hoger dan het breed is. Blauw met een witte rand en een witte tekening. Een witte tekening van een weg die zich splitst in twee rijbanen, met een viaduct eroverheen.
    Het staande blauwe bord met twee rijbanen erop

    Kijk naar de tekening. Eén auto van voren hoort bij de autoweg; een weg die zich splitst met een viaduct erover hoort bij de snelweg.

  • Hetzelfde bord met een rode streep erdoor

    Kijk of er een rode streep overheen loopt. Zonder streep begint de autoweg, met streep houdt hij op.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Dit bord staat aan het begin van een snelweg.

    Dit is een autoweg. Daar kun je een kruispunt met verkeerslichten of een rotonde tegenkomen, en op een snelweg nooit.

  • Op een autoweg mag ik altijd honderd.

    Buiten de bebouwde kom is honderd de grens, maar een bord met een lager getal gaat daarvoor. Kijk dus altijd naar de borden.

  • Met een brommer mag ik hier rijden.

    Hier mogen alleen motorvoertuigen komen die minstens vijftig kilometer per uur mogen en kunnen rijden. Een brommer haalt dat niet.

  • Rijd ik verkeerd, dan keer ik hier gewoon.

    Keren en achteruitrijden mag hier niet. Je rijdt door tot je ergens kunt afslaan.

Een vierkant bord met rechte hoeken. Van ver zie je al: geen rondje en geen driehoek, maar een bord met een heel plaatje erop. Blauw, met een witte tekening. Blauw zonder rode rand zegt hier: zo is het in deze straat geregeld. Een tafereeltje: huizen, een auto en mensen, waaronder een spelend kind. Ook het woord erf staat op het bord.

Begin erf

Je rijdt hier stapvoets, dus niet harder dan vijftien kilometer per uur.

Meer over dit bord

Voetgangers en spelende kinderen mogen de hele breedte van de straat gebruiken, en jij mag ze niet hinderen. Parkeren mag alleen in een vak of op een plek met de letter P.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord met rechte hoeken. Van ver zie je al: geen rondje en geen driehoek, maar een bord met een heel plaatje erop.
De kleur
Blauw, met een witte tekening. Blauw zonder rode rand zegt hier: zo is het in deze straat geregeld.
Het symbool
Een tafereeltje: huizen, een auto en mensen, waaronder een spelend kind. Ook het woord erf staat op het bord.

Waar je hem tegenkomt

In nieuwbouwwijken en oude dorpskernen. Je ziet het aan de straat zelf: geen stoeprand, drempels, bloembakken en vaak klinkers in plaats van asfalt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord, even groot als het bord waarmee het erf begon. Blauw, met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op. Dezelfde tekening als bij het begin: huizen, een auto, mensen en het woord erf.
    Einde erf

    Kijk of er een rode streep schuin overheen loopt. Die streep staat alleen op het einde-bord; de tekening is verder hetzelfde.

  • Begin van een 30-kilometerzone

    Kijk wat er op het bord staat. Op het zonebord staat een getal, op dit bord een tafereeltje met huizen en spelende kinderen.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Vijftien kilometer per uur is een advies.

    Het is een maximum. Harder rijden is een overtreding, ook al zie je nergens een bord met een getal erop.

  • Stapvoets geldt alleen voor auto’s.

    Nee, het geldt voor iedereen die hier rijdt. Ook een fietser of een brommer mag op een erf niet harder dan stapvoets.

  • Op een erf mag ik overal langs de kant parkeren.

    Parkeren mag alleen op plekken die daarvoor bedoeld zijn: een vak of een plek met de letter P. Ergens anders neerzetten mag niet.

  • Voetgangers hebben op een erf altijd voorrang.

    Voorrang werkt hier hetzelfde als elders. Wat wél anders is: voetgangers mogen overal op de weg lopen en jij mag ze niet hinderen.

  • Als ik een erf in rijd, moet ik iedereen voor laten gaan.

    Nee, dat geldt juist bij het eruit rijden. Bij het inrijden gelden gewoon de normale regels.

Een vierkant bord, even groot als het bord waarmee het erf begon. Blauw, met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op. Dezelfde tekening als bij het begin: huizen, een auto, mensen en het woord erf.

Einde erf

Vanaf hier gelden de gewone verkeersregels weer en vervalt het stapvoets rijden.

Meer over dit bord

Hoe hard je mag, hangt af van waar je bent en van de borden die je hierna tegenkomt. Rijd je het erf af, dan moet je al het andere verkeer voor laten gaan: auto’s, fietsers én voetgangers.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord, even groot als het bord waarmee het erf begon.
De kleur
Blauw, met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op.
Het symbool
Dezelfde tekening als bij het begin: huizen, een auto, mensen en het woord erf.

Waar je hem tegenkomt

Aan de rand van zo’n woonstraatje, precies op het punt waar je een gewone straat op draait.

Waarmee hij verward wordt

  • Een vierkant bord met rechte hoeken. Van ver zie je al: geen rondje en geen driehoek, maar een bord met een heel plaatje erop. Blauw, met een witte tekening. Blauw zonder rode rand zegt hier: zo is het in deze straat geregeld. Een tafereeltje: huizen, een auto en mensen, waaronder een spelend kind. Ook het woord erf staat op het bord.
    Begin van een erf

    Kijk of er een rode streep schuin overheen loopt. Die staat alleen op het einde-bord.

  • Een rond bord, even groot als het bord waarmee het pad begon. Blauw met een witte tekening en daar schuin overheen een rode streep. Die streep betekent: hier houdt het op. Dezelfde tekening als bij het begin: een fiets en een brommer, nu met een rode streep erdoor.
    Einde fiets- en bromfietspad

    Kijk wat er onder de rode streep staat: huizen en een auto, of een fiets en een brommer.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Na dit bord mag ik meteen vijftig.

    Dat hangt af van waar je bent. Binnen de bebouwde kom is vijftig de standaard, maar veel erven komen uit op een straat waar dertig geldt. Kijk dus wat er ná dit bord staat.

  • Als ik het erf af rijd, geldt gewoon voorrang van rechts.

    Nee. Wie een erf verlaat, laat iedereen voorgaan, ook fietsers en voetgangers. Je bent daar altijd als laatste aan de beurt.

Een vierkant bord, geen driehoek. Vierkant betekent: dit vertelt je wat hier ligt. Blauw. Blauw waarschuwt nooit; blauw vertelt je iets of geeft je een opdracht. In een witte driehoek loopt een zwarte voetganger over strepen: het zebrapad zelf.

Voetgangersoversteekplaats (zebrapad)

Hier ligt de oversteekplaats voor voetgangers.

Meer over dit bord

Voetgangers die oversteken, en mensen die er duidelijk op het punt staan over te steken, laat je voorgaan. Dat geldt ook voor iemand in een gehandicaptenvoertuig, zoals een scootmobiel. Staat er niemand, dan rijd je gewoon door. Stilstaan mag niet op de oversteekplaats en ook niet binnen vijf meter daarvan: dan zie jij de overstekers niet en zien zij jou niet.

Zo herken je hem

De vorm
Een vierkant bord, geen driehoek. Vierkant betekent: dit vertelt je wat hier ligt.
De kleur
Blauw. Blauw waarschuwt nooit; blauw vertelt je iets of geeft je een opdracht.
Het symbool
In een witte driehoek loopt een zwarte voetganger over strepen: het zebrapad zelf.

Waar je hem tegenkomt

Vlak bij de witte strepen op de weg, op een paal aan de kant van de rijbaan. In winkelstraten, bij scholen en bij haltes. Zie je het bord, dan liggen de strepen er vrijwel meteen.

Waarmee hij verward wordt

  • Een driehoek met de punt naar boven, dezelfde vorm als alle borden die je ergens voor waarschuwen. Wit van binnen, met een rode rand. Rood in zo'n driehoek betekent: opletten, hier kan iets gebeuren. Eén zwarte figuur die loopt: een volwassene die stapt. Geen strepen onder zijn voeten.
    De rode driehoek met een lopende voetganger

    Kijk naar de kleur. Rood waarschuwt alleen dat er voetgangers kunnen zijn, blauw betekent dat de oversteekplaats hier ligt.

  • Een rond bord. Rond betekent: hier geldt een regel, geen vrijblijvende informatie. Blauw, met een wit figuurtje. Rond en blauw betekent: hier is dit pad voor bedoeld. Een wit figuurtje dat loopt. Geen fiets, geen auto: alleen benen.
    Het blauwe bord met alleen een lopende voetganger

    Kijk naar zijn voeten. Liggen daar geen strepen, dan wijst het bord een pad aan waar voetgangers moeten lopen.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Hier moet ik altijd stoppen.

    Je stopt alleen voor iemand die oversteekt of daar duidelijk op het punt voor staat. Is er niemand, dan rijd je door zonder te remmen.

  • Een voetganger mag hier zomaar de weg op stappen zonder te kijken.

    Een voetganger mag niet plotseling voor een naderende auto de weg op lopen. Maar dat is geen reden om zelf minder op te letten: jij zit in de auto en jij richt de schade aan.

  • Iemand die op de fiets over de strepen rijdt, gaat ook voor.

    De regel bij de strepen gaat over mensen te voet en over gehandicaptenvoertuigen, niet over fietsers. Of jij een fietser moet laten gaan, hangt af van de gewone regels op die plek, bijvoorbeeld als jij afslaat.

  • Dit is een waarschuwingsbord.

    Waarschuwen doen de rode driehoeken. Dit blauwe vierkant zegt niet dat er misschien iets komt, maar dat de oversteekplaats hier ligt, met de plicht die daarbij hoort.


Borden in de vorm van een ruit

2 borden

Een ruit: een vierkant dat op zijn punt staat. Die scheve stand zie je al van ver, nog voor je de kleur ziet. Geel van binnen, met een witte rand eromheen. Er staat niets in. Het lege gele vlak is het hele bord.

Voorrangsweg

Je rijdt op een weg waar jij voorgaat.

Meer over dit bord

Wie uit een zijweg komt, moet jou voor laten gaan. Dat geldt bij elk kruispunt dat volgt, tot je dezelfde gele ruit met een streep erdoor tegenkomt.

Zo herken je hem

De vorm
Een ruit: een vierkant dat op zijn punt staat. Die scheve stand zie je al van ver, nog voor je de kleur ziet.
De kleur
Geel van binnen, met een witte rand eromheen.
Het symbool
Er staat niets in. Het lege gele vlak is het hele bord.

Waar je hem tegenkomt

Op doorgaande wegen, binnen en buiten de bebouwde kom. Je ziet het bord steeds opnieuw langs de kant staan, meestal net na een kruispunt, zodat je weet dat je er nog op rijdt.

Waarmee hij verward wordt

  • Een ruit: een vierkant dat op zijn punt staat. Geel van binnen, met een witte rand. Precies als het bord waarmee de weg begon. Een schuine streep dwars over de ruit. Doorgestreept betekent hier: het is afgelopen.
    Dezelfde gele ruit, maar met een streep erdoor

    Kijk of er een schuine streep doorheen loopt. Met streep houdt je voorrang juist op.

  • Een driehoek met de punt naar boven. Een punt omhoog betekent: er komt iets aan waar je op moet letten. Wit van binnen, met een brede rode rand. Een zwart kruis. De balk van onder naar boven is dik: dat is jouw weg. De weg die daar dwars overheen gaat, is dun getekend.
    De rode driehoek met de punt omhoog

    Kijk hoe ver het geldt. De gele ruit geldt voor de hele weg, de driehoek alleen voor het kruispunt dat eraan komt.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Ik heb voorrang, dus ik kan gewoon doorrijden.

    Voorrang moet je krijgen, niet nemen. Rijdt de ander toch door, dan moet jij remmen. Kijk dus altijd of hij je echt voor laat gaan.

  • Op deze weg hoef ik voor niemand te wachten.

    Een verkeerslicht, een verkeersregelaar en een zebrapad gaan hier gewoon overheen. Staat het licht op rood, dan sta jij stil, gele ruit of niet. En voor voetgangers op een zebrapad stop je altijd.

  • Ik rijd op een voorrangsweg, dus ik kan zo linksaf slaan.

    Nee. Sla je af, dan gaan de tegenliggers op jouw eigen weg eerst. Je voorrang geldt tegenover de zijwegen, niet tegenover verkeer dat recht op je af komt.

Een ruit: een vierkant dat op zijn punt staat. Geel van binnen, met een witte rand. Precies als het bord waarmee de weg begon. Een schuine streep dwars over de ruit. Doorgestreept betekent hier: het is afgelopen.

Einde voorrangsweg

Vanaf dit bord rijd je niet meer op een voorrangsweg.

Meer over dit bord

Op de kruispunten die daarna komen gelden weer de gewone regels: wie van rechts komt, gaat voor. Tenzij borden, haaientanden of een verkeerslicht daar iets anders zeggen.

Zo herken je hem

De vorm
Een ruit: een vierkant dat op zijn punt staat.
De kleur
Geel van binnen, met een witte rand. Precies als het bord waarmee de weg begon.
Het symbool
Een schuine streep dwars over de ruit. Doorgestreept betekent hier: het is afgelopen.

Waar je hem tegenkomt

Waar een doorgaande route ophoudt. Bijvoorbeeld als je een woonwijk in rijdt, of waar de weg overgaat in kruispunten waar niemand voorgaat.

Waarmee hij verward wordt

  • Een ruit: een vierkant dat op zijn punt staat. Die scheve stand zie je al van ver, nog voor je de kleur ziet. Geel van binnen, met een witte rand eromheen. Er staat niets in. Het lege gele vlak is het hele bord.
    Dezelfde gele ruit zonder streep

    Kijk of er een streep doorheen loopt. Zonder streep begint je voorrang, met streep stopt hij.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Einde voorrangsweg betekent dat ik nu iedereen voor moet laten gaan.

    Nee, je valt terug op de gewone regel. Van rechts gaat voor, van links niet. Komt er iemand van links, dan mag jij eerst. Eén uitzondering: een tram gaat op zo’n kruispunt altijd voor, ook van links.

  • Ik hoef nu alleen op auto’s van rechts te letten.

    Van rechts gaat voor, wie het ook is. Een fietser, een bromfietser of een motorrijder van rechts gaat dus net zo goed voor jou.

  • Het bord gaat pas in bij het volgende kruispunt.

    Het geldt vanaf de plek waar het staat. Het eerstvolgende kruispunt is dus al een kruispunt waar jij niet meer voorgaat.


Het achthoekige bord

1 bord

Een achthoek, een bord met acht kanten. Geen enkel ander verkeersbord heeft die vorm, dus je weet het al aan de omtrek. Helemaal rood, met een witte rand. Het woord STOP in witte hoofdletters.

Stopbord

Je moet stoppen: echt stilstaan, ook als je goed kunt zien dat er niets aankomt.

Meer over dit bord

Daarna laat je alle bestuurders op de kruisende weg voorgaan, van links én van rechts.

Zo herken je hem

De vorm
Een achthoek, een bord met acht kanten. Geen enkel ander verkeersbord heeft die vorm, dus je weet het al aan de omtrek.
De kleur
Helemaal rood, met een witte rand.
Het symbool
Het woord STOP in witte hoofdletters.

Waar je hem tegenkomt

Bij kruispunten die je slecht kunt overzien, bijvoorbeeld door een huis, een heg of een bocht. Meestal ligt er een brede witte streep op het wegdek waar je voor moet stilstaan.

Waarmee hij verward wordt

  • Een driehoek met de punt naar beneden. Hij staat als enige bord op zijn kop, dus je herkent hem al voor je iets anders ziet. Wit van binnen, met een brede rode rand. Er staat niets in. Het lege witte vlak hoort er zo bij.
    De driehoek met de punt naar beneden

    Kijk of je moet stilstaan. Bij de driehoek rijd je door als de weg vrij is, hier sta je eerst stil.

Wat mensen denken dat niet klopt

  • Als ik zie dat er niemand aankomt, hoef ik niet te stoppen.

    Stilstaan is hier altijd verplicht, hoe leeg de weg ook is. Heel langzaam doorrollen telt niet als stoppen.

  • Na het stoppen mag ik gaan.

    Na het stilstaan moet je ook nog iedereen op de kruisende weg voor laten gaan. Het bord vraagt dus twee dingen na elkaar.

  • Ik stop wel even naast het bord, dan zie ik het beste.

    Ligt er een brede witte streep op de weg, dan sta je daarvoor stil. Pas daarna mag je rustig een stukje opschuiven om beter te kunnen kijken.


Oefen de borden

Een paar vragen die op dit moment in de app staan over verkeerstekens, rechtstreeks uit dezelfde gegevens. Verandert er een vraag, dan verandert hij hier mee — er staat hier geen tweede voorraad. De rest staat in de app.

De oefenvragen worden hier geladen. Zie je ze niet, dan staan ze ook in de oefenapp.

Verder oefenen zonder account

In de app krijg je rondes van twintig vragen, met bij een fout antwoord de uitleg erbij — en waar wij die hebben, de reden waarom jouw antwoord het niet was.

Aan de slag

Waar dit vandaan komt

  • De betekenis van elk bord — Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, bijlage 1. Dat is de wet waarin de borden staan en waar hun betekenis is vastgelegd. Wij lezen de versie van 1 juli 2026.
  • De uitleg eromheen — door ons geschreven, per bord, en dezelfde tekst die de app in zijn uitleg gebruikt. Er is één versie van; deze pagina wordt eruit gemaakt.
  • De tekeningen — publiek domein. Verkeersborden staan in het RVV 1990 en zijn daarmee onderdeel van de Nederlandse wetgeving (artikel 11 Auteurswet). Nagezocht op 19-08-2026; het bewijs staat in onze eigen map bij de tekeningen.

Deze pagina wordt gemaakt uit onze eigen gegevens. Klopt er iets niet, dan zit de fout in die gegevens en niet alleen hier.

Wetteksten uit het RVV 1990 zoals dat geldt sinds 1 juli 2026 · tekeningen nagezocht 19 augustus 2026


Twee borden die op elkaar lijken

Deze vier worden het vaakst door elkaar gehaald. Per stel staat er een eigen pagina met de twee naast elkaar en het verschil erboven.


Waar je hierna heen kunt